Geeske Sietsma werkt als jeugdverpleegkundige bij Icare Jeugdgezondheidszorg en begeleidt Centering-groepen in Harderwijk, een van de locaties op de Noordwest-Veluwe waar CenteringOuderschap wordt aangeboden.
Verloskundige Marlies Rijnders is onderzoeker bij TNO Child Health, initiator van Centering in Nederland en bestuurder van Group Care Global, een organisatie die groepsgezondheidszorg voor zwangeren, ouders en hun naasten wil bevorderen.
Het idee is even simpel als succesvol: je brengt ouders samen om te praten over zwangerschap, ouderschap en opvoeden. Om elkaar te steunen en van elkaar te leren. CenteringOuderschap is bewezen effectief en wordt steeds vaker ingezet door consultatiebureaus en verloskundigen.
Infographic Ouderschap en veilig opgroeien
Wat is de relatie tussen ouderschap en ingrijpende jeugdervaringen? Bekijk hier de infographic over de manier waarop deze ervaringen van ouders de leefstijl van henzelf én hun kinderen kunnen beïnvloeden.
Meer over Centering
CenteringOuderschap is door het RIVM erkend als een goed onderbouwde interventie. Meer daarover lees je hier.
Groepsconsulten als CenteringZwangerschap werken beter dan een-op-eenconsulten blijkt uit een cross-sectionele vragenlijststudie waarover Kennispoort Verloskunde bericht. Verloskundigen die hiervoor kiezen, boeken meer succes, aldus dit artikel in Vakblad Vroeg.
Stichting Centering Nederland is verantwoordelijk voor de implementatie, training, kwaliteitsborging en ontwikkeling van CenteringZwangerschap en CenteringOuderschap. Op haar website vind je meer informatie.
Dit artikel is eerder verschenen in Augeo magazine 32 (april 2023) | laatste update: september 2025
Marlies Rijnders: ‘We hopen dat ouders elkaar ook na de bijeenkomsten blijven zien’
Geeske Sietsma: ‘Ouders vragen en vertellen meer in een groep’
Marlies Rijnders: ‘Huiselijk geweld wordt nu expliciet met iedereen besproken’
Marlies Rijnders: ‘Verpleegkundigen houden veel meer tijd over om gezondheids- en opvoedonderwerpen te bespreken’
Ze merkt dat ouders in de groepen meer vragen durven stellen dan bij een consult op het consultatiebureau. ‘Ze vertellen ook veel meer.’ Regelmatig staat ze ervan te kijken hoe open ouders zijn bij het delen van ervaringen. Ook minder prettige. ‘Dat varieert van schulden tot huisvestingsproblemen en psychische aandoeningen. Dat komt doordat ouders zich vertrouwd voelen in de groep en veel van elkaar herkennen.’
Laatst vertelde een stel dat hun relatie niet meer zo goed liep sinds de baby geboren was. ‘Dat werd een emotioneel verhaal van een halfuur. Iedereen was muisstil,’ vertelt Sietsma. Na afloop bemoedigden andere deelnemers het stel: ‘Joh, dat komt goed! Wij hebben dat ook gehad na onze eerste.’
‘De meeste adviezen komen vanuit de moeders zelf,’ vertelt jeugdverpleegkunde Geeske Sietsma. ‘Daardoor worden ze beter opgepikt dan wanneer ik ze geef.’ Toen ze in 2019 startten, kwamen de ouders tot hun kind 14 maanden oud was. Maar dan stop je voor de peuterfase, waarin ouders advies en steun ook goed gebruiken. Hoe ga je om met een peuter die snel driftig wordt of ineens niets meer van je wil weten? Sietsma: ‘De groepen lopen nu door tot het kind 4 jaar is.’
Door tot 4 jaar
Dat er een groepsgevoel ontstaat is - naast kennisoverdracht - ook uitdrukkelijk de bedoeling van CenteringOuderschap. Rijnders: ‘We hopen dat ouders elkaar na de bijeenkomsten blijven zien.’ Een deel van de activiteiten is er daarom gericht op elkaar beter leren kennen. Zodat er nieuwe vriendschappen kunnen ontstaan, of een netwerkje van ouders die elkaar ondersteunen.
Stimuleer ouders om vragen zoveel mogelijk samen te beantwoorden, is een van de kerngedachten van Centering. Heel schadelijke adviezen moeten worden ontzenuwd, maar voor de rest is het devies dat de groep wel raad weet met de meeste vragen. ‘Dat betekent soms ego-verlies voor professionals,’ zegt Rijnders. ‘Als mensen altijd bij jou komen met vragen, voelt dat fijn. Alsof je heel belangrijk bent.’
Voor de begeleiders kan CenteringOuderschap dus wel even wennen zijn. Zij moeten leren om zich niet als alwetende deskundige op te stellen. Rijnders: ‘Zij moeten vooral vragen stellen en ongebreideld nieuwsgierig zijn.’
Ego-verlies
Ook een rondleiding door de buurt kan onderdeel zijn van het programma: langs de bibliotheek en andere buurtvoorzieningen waar ouders hun voordeel mee kunnen doen. ‘Dat maakt het veel makkelijker voor ouders om later zelf ergens binnen te stappen,’ denkt Rijnders.
Het liefst zou Rijnders zien dat de Centering-groepen die gestart zijn door verloskundigen, na de bevalling doorlopen bij het JGZ. ‘Dat komt de hechtheid van de groepen ten goede.’ In de Amsterdamse Bijlmermeer proberen verschillende partijen dat nu voor elkaar te krijgen. Ook zijn er CenteringOuderschap groepen gestart in drie asielzoekerscentra.
Langs de bibliotheek
Elkaar steunen en bemoedigen gebeurt ook buiten de bijeenkomsten. ‘Deelnemers staan na afloop vaak na te kletsen. Ze steken elkaar niet alleen een hart onder de riem, maar helpen elkaar ook met praktische zaken. Bijvoorbeeld met het regelen van kleding voor hun kinderen. Of met huisvesting.’
Nieuwe vriendschappen
Ook belangrijk is dat om hulp vragen wordt genormaliseerd. Dat doen de begeleiders door iedere keer te vragen: ‘Als het nou lastig is, wie kan je dan ondersteunen?’ En de reacties van groepsleden zorgen er vaak voor dat hulp vragen minder beladen wordt. Bijvoorbeeld doordat zij zonder schroom vertellen bij wie ze zelf hebben aangeklopt. En wie of wat hen echt geholpen heeft.
‘Het verschil zit erin dat bij Centering buiten het normale professionele handelen, nu standaard huiselijk geweld expliciet met iedereen besproken in een veilige setting, wat resulteert in kennis bij allen en eventueel ondersteuning van ook anderen dan alleen de zorgverlener,’ zegt Rijnders.
Ook onderwerpen als huiselijk geweld en kindermishandeling worden besproken in algemene termen. Rijnders: ‘Stel dat je weet dat er bij een deelnemer huiselijk geweld speelt. Dan heb je het niet over die persoon. Dat is onveilig. Qua privacy kan het ook niet.’ Bespreken hoe vaak huiselijk geweld voorkomt, wanneer het uit de hand loopt en waar je steun kunt vinden, is minder bedreigend. Of we grijpen terug op vroeger: wat waren de leuke dingen uit je jeugd? En wat vond je niet fijn? Hoe kun je voorkomen dat het jouw kind ook overkomt? ‘Het gaat erom dat ouders erover nadenken en ook handvatten krijgen om te handelen, zonder dat ze zich aangevallen voelen,’ zegt Rijnders.
Buiten de groepsbijeenkomsten is er natuurlijk ook de individuele zorg. Dus als bij een deelnemer sprake is van (een vermoeden van) huiselijk geweld of kindermishandeling, dan handelt de zorgverlener volgens de stappen van de meldcode en richtlijnen.
Hulp vragen genormaliseerd
Huiselijk geweld bespreken
Tijdens de bijeenkomsten, die gemiddeld twee uur duren, komen thema’s aan de orde als gezonde babyvoeding, de verdeling van taken en de veranderde relatie tussen prille ouders. Rijnders: ‘Centering is vooral gericht op het versterken van de eigen kracht van ouders. De professionals die de groepen begeleiden, hangen niet de deskundige uit. Ze stimuleren de deelnemers om met elkaar na te denken over opvoedkwesties en het oplossen van problemen.’
Als iemand een kind heeft dat niet goed groeit, wordt dat niet individueel besproken. Rijnders: ‘Het gaat dan eerder over: wat is normaal in de bandbreedte van de groei van kinderen? Wanneer moet je je zorgen maken? En waar kun je naartoe voor hulp? Op die manier kan iedereen er iets van oppikken.’
Eigen kracht versterken
Meten en wegen
Het gaat meestal om acht bijeenkomsten voor ouders met kinderen van 0 tot 2 jaar oud. Natuurlijk kunnen ook vaders deelnemen, maar de groepen bestaan vaak grotendeels uit moeders. Wel zijn er speciale partnermodules ontwikkeld over de rol van de vader.
Ongeveer een vijfde van de consultatiebureaus biedt het al aan. Dat betekent dat ouders die daar komen voor vaccinaties en het meten en wegen van hun baby, dat steeds vaker doen in een groep. Rijnders: ‘Zo houden de verpleegkundigen veel meer tijd over om gezondheids- en opvoedonderwerpen te bespreken.’
Steeds meer JGZ-instellingen kiezen voor CenteringOuderschap. Begeleiders van de groepen hebben het idee dat zij meer kwetsbare ouders bereiken dan met een-op-eencontact, maar dat is nog onvoldoende onderzocht.
Verloskundige zorg in een groep
In 2011 introduceerde Rijnders Centering in Nederland. Eerst in de verloskunde. Inmiddels werkt 43 procent van de verloskundigenpraktijken met CenteringZwangerschap. In deze groepen voor zwangere vrouwen en hun partners is veel ruimte voor gesprekken over leefstijlkeuzes, voorbereiding op het ouderschap en voeding. De deelnemers leren van elkaars inzichten en ervaringen. Bovendien ontstaat er een sociaal netwerk waar veel nieuwe ouders baat bij kunnen hebben.
Kinderen grootbrengen is voor iedere ouder een uitdaging. Maar voor ouders die in armoede leven, een migratieachtergrond hebben of alleenstaand zijn, is het vaak nog lastiger. Ze hebben meer dan gemiddeld last van stress, opvoedonzekerheid en psychische problemen en vinden het ouderschap vaker moeilijker dan verwacht. Toch doen ze minder vaak een beroep op opvoedondersteuning, blijkt uit onderzoek.
‘Nogal wat opvoed-ondersteuningsprogramma’s richten zich op kwetsbare ouders,’ zegt verloskundige en onderzoeker Marlies Rijnders. ‘Maar vaak komen die groepen niet vol. Ik wil daar niet bij horen, denken veel ouders.’
Het is een van de redenen waarom het Amerikaanse Centering-programma haar zo aansprak: een groepsprogramma voor álle (aanstaande) ouders. Een programma waarin de gezondheidscontroles bij de verloskundige of op het consultatiebureau gecombineerd worden met groepsbijeenkomsten over opvoeden en de ontwikkeling van het kind.
Centering: ouders helpen elkaar
Vorige pagina
Volgende pagina
in de praktijk
6 min.
Studio Vonq
Ditty Eimers
Infographic Ouderschap en veilig opgroeien
Wat is de relatie tussen ouderschap en ingrijpende jeugdervaringen? Bekijk hier de infographic over de manier waarop deze ervaringen van ouders de leefstijl van henzelf én hun kinderen kunnen beïnvloeden.
Meer over Centering
CenteringOuderschap is door het RIVM erkend als een goed onderbouwde interventie. Meer daarover lees je hier.
Groepsconsulten als CenteringZwangerschap werken beter dan een-op-eenconsulten blijkt uit een cross-sectionele vragenlijststudie waarover Kennispoort Verloskunde bericht. Verloskundigen die hiervoor kiezen, boeken meer succes, aldus dit artikel in Vakblad Vroeg.
Stichting Centering Nederland is verantwoordelijk voor de implementatie, training, kwaliteitsborging en ontwikkeling van CenteringZwangerschap en CenteringOuderschap. Op haar website vind je meer informatie.
Dit artikel is eerder verschenen in Augeo magazine 32 (april 2023) | laatste update: september 2025
Stimuleer ouders om vragen zoveel mogelijk samen te beantwoorden, is een van de kerngedachten van Centering. Heel schadelijke adviezen moeten worden ontzenuwd, maar voor de rest is het devies dat de groep wel raad weet met de meeste vragen. ‘Dat betekent soms ego-verlies voor professionals,’ zegt Rijnders. ‘Als mensen altijd bij jou komen met vragen, voelt dat fijn. Alsof je heel belangrijk bent.’
Voor de begeleiders kan CenteringOuderschap dus wel even wennen zijn. Zij moeten leren om zich niet als alwetende deskundige op te stellen. Rijnders: ‘Zij moeten vooral vragen stellen en ongebreideld nieuwsgierig zijn.’
Ego-verlies
Ook een rondleiding door de buurt kan onderdeel zijn van het programma: langs de bibliotheek en andere buurtvoorzieningen waar ouders hun voordeel mee kunnen doen. ‘Dat maakt het veel makkelijker voor ouders om later zelf ergens binnen te stappen,’ denkt Rijnders.
Het liefst zou Rijnders zien dat de Centering-groepen die gestart zijn door verloskundigen, na de bevalling doorlopen bij het JGZ. ‘Dat komt de hechtheid van de groepen ten goede.’ In de Amsterdamse Bijlmermeer proberen verschillende partijen dat nu voor elkaar te krijgen. Ook zijn er CenteringOuderschap groepen gestart in drie asielzoekerscentra.
Langs de bibliotheek
Dat er een groepsgevoel ontstaat is - naast kennisoverdracht - ook uitdrukkelijk de bedoeling van CenteringOuderschap. Rijnders: ‘We hopen dat ouders elkaar na de bijeenkomsten blijven zien.’ Een deel van de activiteiten is er daarom gericht op elkaar beter leren kennen. Zodat er nieuwe vriendschappen kunnen ontstaan, of een netwerkje van ouders die elkaar ondersteunen.
Elkaar steunen en bemoedigen gebeurt ook buiten de bijeenkomsten. ‘Deelnemers staan na afloop vaak na te kletsen. Ze steken elkaar niet alleen een hart onder de riem, maar helpen elkaar ook met praktische zaken. Bijvoorbeeld met het regelen van kleding voor hun kinderen. Of met huisvesting.’
Marlies Rijnders:
‘We hopen dat ouders elkaar ook na de bijeenkomsten blijven zien’
Nieuwe vriendschappen
Ze merkt dat ouders in de groepen meer vragen durven stellen dan bij een consult op het consultatiebureau. ‘Ze vertellen ook veel meer.’ Regelmatig staat ze ervan te kijken hoe open ouders zijn bij het delen van ervaringen. Ook minder prettige. ‘Dat varieert van schulden tot huisvestingsproblemen en psychische aandoeningen. Dat komt doordat ouders zich vertrouwd voelen in de groep en veel van elkaar herkennen.’
Laatst vertelde een stel dat hun relatie niet meer zo goed liep sinds de baby geboren was. ‘Dat werd een emotioneel verhaal van een halfuur. Iedereen was muisstil,’ vertelt Sietsma. Na afloop bemoedigden andere deelnemers het stel: ‘Joh, dat komt goed! Wij hebben dat ook gehad na onze eerste.’
Geeske Sietsma: ‘Ouders vragen en vertellen meer in een groep’
‘De meeste adviezen komen vanuit de moeders zelf,’ vertelt jeugdverpleegkunde Geeske Sietsma. ‘Daardoor worden ze beter opgepikt dan wanneer ik ze geef.’ Toen ze in 2019 startten, kwamen de ouders tot hun kind 14 maanden oud was. Maar dan stop je voor de peuterfase, waarin ouders advies en steun ook goed gebruiken. Hoe ga je om met een peuter die snel driftig wordt of ineens niets meer van je wil weten? Sietsma: ‘De groepen lopen nu door tot het kind 4 jaar is.’
Door tot 4 jaar
Ook belangrijk is dat om hulp vragen wordt genormaliseerd. Dat doen de begeleiders door iedere keer te vragen: ‘Als het nou lastig is, wie kan je dan ondersteunen?’ En de reacties van groepsleden zorgen er vaak voor dat hulp vragen minder beladen wordt. Bijvoorbeeld doordat zij zonder schroom vertellen bij wie ze zelf hebben aangeklopt. En wie of wat hen echt geholpen heeft.
Hulp vragen genormaliseerd
‘Het verschil zit erin dat bij Centering buiten het normale professionele handelen, nu standaard huiselijk geweld expliciet met iedereen besproken in een veilige setting, wat resulteert in kennis bij allen en eventueel ondersteuning van ook anderen dan alleen de zorgverlener,’ zegt Rijnders.
Marlies Rijnders: ‘Huiselijk geweld wordt nu expliciet met iedereen besproken’
Ook onderwerpen als huiselijk geweld en kindermishandeling worden besproken in algemene termen. Rijnders: ‘Stel dat je weet dat er bij een deelnemer huiselijk geweld speelt. Dan heb je het niet over die persoon. Dat is onveilig. Qua privacy kan het ook niet.’ Bespreken hoe vaak huiselijk geweld voorkomt, wanneer het uit de hand loopt en waar je steun kunt vinden, is minder bedreigend. Of we grijpen terug op vroeger: wat waren de leuke dingen uit je jeugd? En wat vond je niet fijn? Hoe kun je voorkomen dat het jouw kind ook overkomt? ‘Het gaat erom dat ouders erover nadenken en ook handvatten krijgen om te handelen, zonder dat ze zich aangevallen voelen,’ zegt Rijnders.
Buiten de groepsbijeenkomsten is er natuurlijk ook de individuele zorg. Dus als bij een deelnemer sprake is van (een vermoeden van) huiselijk geweld of kindermishandeling, dan handelt de zorgverlener volgens de stappen van de meldcode en richtlijnen.
Huiselijk geweld bespreken
Het gaat meestal om acht bijeenkomsten voor ouders met kinderen van 0 tot 2 jaar oud. Natuurlijk kunnen ook vaders deelnemen, maar de groepen bestaan vaak grotendeels uit moeders. Wel zijn er speciale partnermodules ontwikkeld over de rol van de vader.
Ongeveer een vijfde van de consultatiebureaus biedt het al aan. Dat betekent dat ouders die daar komen voor vaccinaties en het meten en wegen van hun baby, dat steeds vaker doen in een groep. Rijnders: ‘Zo houden de verpleegkundigen veel meer tijd over om gezondheids- en opvoedonderwerpen te bespreken.’
Marlies Rijnders: ‘Verpleegkundigen houden veel meer tijd over om gezondheids- en opvoedonderwerpen te bespreken’
Steeds meer JGZ-instellingen kiezen voor CenteringOuderschap. Begeleiders van de groepen hebben het idee dat zij meer kwetsbare ouders bereiken dan met een-op-eencontact, maar dat is nog onvoldoende onderzocht.
Meten en wegen
Tijdens de bijeenkomsten, die gemiddeld twee uur duren, komen thema’s aan de orde als gezonde babyvoeding, de verdeling van taken en de veranderde relatie tussen prille ouders. Rijnders: ‘Centering is vooral gericht op het versterken van de eigen kracht van ouders. De professionals die de groepen begeleiden, hangen niet de deskundige uit. Ze stimuleren de deelnemers om met elkaar na te denken over opvoedkwesties en het oplossen van problemen.’
Als iemand een kind heeft dat niet goed groeit, wordt dat niet individueel besproken. Rijnders: ‘Het gaat dan eerder over: wat is normaal in de bandbreedte van de groei van kinderen? Wanneer moet je je zorgen maken? En waar kun je naartoe voor hulp? Op die manier kan iedereen er iets van oppikken.’
Eigen kracht versterken
In 2011 introduceerde Rijnders Centering in Nederland. Eerst in de verloskunde. Inmiddels werkt 43 procent van de verloskundigenpraktijken met CenteringZwangerschap. In deze groepen voor zwangere vrouwen en hun partners is veel ruimte voor gesprekken over leefstijlkeuzes, voorbereiding op het ouderschap en voeding. De deelnemers leren van elkaars inzichten en ervaringen. Bovendien ontstaat er een sociaal netwerk waar veel nieuwe ouders baat bij kunnen hebben.
Verloskundige zorg in een groep
Kinderen grootbrengen is voor iedere ouder een uitdaging. Maar voor ouders die in armoede leven, een migratieachtergrond hebben of alleenstaand zijn, is het vaak nog lastiger. Ze hebben meer dan gemiddeld last van stress, opvoedonzekerheid en psychische problemen en vinden het ouderschap vaker moeilijker dan verwacht. Toch doen ze minder vaak een beroep op opvoedondersteuning, blijkt uit onderzoek.
‘Nogal wat opvoed-ondersteuningsprogramma’s richten zich op kwetsbare ouders,’ zegt verloskundige en onderzoeker Marlies Rijnders. ‘Maar vaak komen die groepen niet vol. Ik wil daar niet bij horen, denken veel ouders.’
Het is een van de redenen waarom het Amerikaanse Centering-programma haar zo aansprak: een groepsprogramma voor álle (aanstaande) ouders. Een programma waarin de gezondheidscontroles bij de verloskundige of op het consultatiebureau gecombineerd worden met groepsbijeenkomsten over opvoeden en de ontwikkeling van het kind.
Geeske Sietsma werkt als jeugdverpleegkundige bij Icare Jeugdgezondheidszorg en begeleidt Centering-groepen in Harderwijk, een van de locaties op de Noordwest-Veluwe waar CenteringOuderschap wordt aangeboden.
Verloskundige Marlies Rijnders is onderzoeker bij TNO Child Health, initiator van Centering in Nederland en bestuurder van Group Care Global, een organisatie die groepsgezondheidszorg voor zwangeren, ouders en hun naasten wil bevorderen.
Het idee is even simpel als succesvol: je brengt ouders samen om te praten over zwangerschap, ouderschap en opvoeden. Om elkaar te steunen en van elkaar te leren. CenteringOuderschap is bewezen effectief en wordt steeds vaker ingezet door consultatiebureaus en verloskundigen.
Centering: ouders helpen elkaar
in de praktijk
6 min.
Studio Vonq
Ditty Eimers
Volgende pagina
Vorige pagina
Deel dit artikel: