Hier vind je meer informatie over de app.

Hoe professionals de app kunnen gebruiken in hun werk met kinderen, is beschreven in een handreiking voor professionals.

Ouders kunnen hun kind helpen met het downloaden en hen stimuleren om de app te gebruiken. In de handreiking voor ouders staat beschreven hoe de app werkt en hoe je hierover kunt praten met je kind.

Stress hoort bij het leven, ook voor kinderen. De OpPepper App van Augeo helpt kinderen daarmee omgaan. Het doel van de app is kinderen te laten ervaren dat ze invloed kunnen hebben op hun gedachten en gevoelens, ook als het tegenzit. En zo hun veerkracht kunnen versterken. Samen met het figuurtje Pep doet het kind allerlei korte oefeningen (OpPeppers) en komt hij erachter wat bij hem het beste werkt.

OpPepper App voor kinderen
Leestip van Rinka van Zundert

‘Levenskunst voor kinderen van Jeroen Bense is een praktisch boek voor grootouders, verzorgers en mensen uit het onderwijs die willen werken aan veerkracht bij kinderen.’

Lenneke Blummel:

‘Zelfs bij kleuters is een actieve kwaliteiten-woordenschat vaak al goed op te bouwen’

Rinka van Zundert:

‘Als een kind zijn emoties snapt en aankan, geeft dat een gevoel van kracht’

Lenneke Blummel werkte ruim achttien jaar als leerkracht, bouwcoördinator, MT-lid en didactisch coach in het basisonderwijs. Ze was betrokken bij het Leer- & Veerkrachttraject op de Nicolaasschool in Rotterdam en is sinds zeven jaar werkzaam als trainer en begeleider bij Leer- & Veerkracht.

Orthopedagoog Rinka van Zundert promoveerde aan de Radboud Universiteit, waar zij een master Positieve psychologie opzette. Daarna ontwikkelde ze Leer- & Veerkracht, waarmee ze veerkracht en welbevinden binnen het onderwijs stimuleert.

achtergrond

7,5 min.

Annelies van der Woude

Een kind dat thuis geen complimenten krijgt, maar leert aannemen dat het iets goed doet. Een jongen met het label ‘druk’, die uitgroeit tot de beste voorzitter van de klas. Of een meisje voor wie een koekje uit de kantine een ingang tot praten blijkt te zijn. In kleine momenten wordt vaak zichtbaar hoeveel invloed positieve ervaringen hebben op hoe kinderen zich voelen en ontwikkelen.

Orthopedagoog Rinka van Zundert: ‘Positieve emoties helpen ons herstellen van stress, ze maken ons fysiek gezonder, en ze vergroten ons vermogen om te leren, te werken en met anderen te verbinden.’

Een voorbeeld: van oudsher hebben we een angst om afgewezen te worden door de groep. Van Zundert: ‘Ons systeem is daar nog steeds op bedraad, ook al gaan we er niet meer dood aan als we buiten de groep vallen.’ Van de stress die door zo’n angst wordt opgeroepen, herstelt ons lichaam wanneer we positieve emoties als rust, tevredenheid en vreugde ervaren. Van Zundert noemt dit, in navolging van onderzoeker Barbara Fredrickson, het undoing effect.

Van Zundert: ‘Door kinderen bewust te laten worden van hun gedachten, gevoelens en gedrag - en hen vaardigheden en strategieën aan te reiken die deze positief kunnen beïnvloeden - help je hen om meer positieve ervaringen te creëren op mentaal, emotioneel en sociaal vlak. Belemmerende gedachten over zichzelf, anderen en situaties kunnen dan transformeren naar meer helpende gedachten. Dat leidt bijvoorbeeld tot meer zelfvertrouwen en een fijnere interactie met anderen. Als een kind zijn eigen emoties snapt en aankan, geeft dat een gevoel van kracht. En zo zijn er nog veel meer vaardigheden die een kind zich eigen kan maken om de kans op positieve ervaringen te vergroten.’ Zo ontstaat die buffer.

Lenneke Blummel-Akerboom stond jarenlang voor de klas en is sinds zeven jaar trainer en begeleider bij Leer- & Veerkracht. Ze ziet op de scholen waar ze komt dat kinderen beter tijdig een buffer kunnen opbouwen. ‘Op het moment dat een kind al heel veel stress heeft, komt niets meer aan. Het zit dan in de overlevingsstand.’ Ze legt vaak uit aan leerkrachten die het gevoel hebben dat praten met een kind geen zin heeft: ‘Zorg eerst dat een kind weer op adem komt. Pas daarna kun je een gesprek voeren.’

Het kan een kind dan ook enorm helpen als het de negatieve gedachten over zichzelf kan onderzoeken en loslaten Daar kun je volgens Van Zundert niet vroeg genoeg mee beginnen. ‘Ik vind het ongelofelijk zonde dat je dit niet op school leert. Want een overtuiging die je op je 8e meekrijgt, kun je nog veranderen. Dat kost op je 40e veel meer moeite.’

Blummel werkte recent met een juf die dit patroon zag bij een net overgestapte leerling. Het kind dacht: ik kan het toch niet. De juf ging bewust, bijna overdreven, benoemen wat wél lukte. Na een tijdje kwam het initiatief van het kind zelf: ‘Juf, kijk eens wat ik heb gedaan.’ Belangrijk is wel dat zulke complimenten oprecht zijn en aan een echte actie gekoppeld, dus niet zomaar loos geroepen.

Blummel legt uit dat het opbouwen van een woordenschat van kwaliteiten bij jonge kinderen en jongeren op eenzelfde manier werkt, alleen verschillen toon en woordkeuze. ‘Maar zelfs bij kleuters is een actieve kwaliteiten-woordenschat vaak al goed op te bouwen.’

Kwaliteiten erkennen leidt tot meer zelfvertrouwen voor het kind en waardering voor anderen. Blummel laat kinderen vaak complimenten geven aan elkaar. Dat werkt alleen in een veilige groep. ‘Je wilt niet dat een kind in de klas een compliment moet gaan geven aan iemand die het zojuist nog heeft lopen pesten.’ Is de groep onveilig, dan moet daar eerst aan gewerkt worden.

Betekent een focus op het positieve dat er geen aandacht meer mag zijn voor wat moeilijk gaat? Absoluut niet, zegt Van Zundert. ‘Alles wat je negeert of wegstopt, gaat toch aan het stuur zitten en je leven beheersen.’ Onderdrukte emoties zoeken een uitweg, bijvoorbeeld in lichamelijke klachten of passief-agressief gedrag. Het gaat dus niet om kiezen tussen moeilijk óf positief, maar om beide een plek geven: problemen serieus benoemen én bewust ruimte maken voor wat goed gaat. Voor jeugdprofessionals betekent dat bijvoorbeeld: naast het gesprek over wat lastig is, ook actief vragen naar wat goed ging, benoemen welke kwaliteiten een kind laat zien, of vragen naar waar het kind met een goed gevoel op terug- of naar uitkijkt. Klein, concreet en oprecht.

Ook ruimte voor problemen?

Ook voorpret en nagenieten - in de wetenschap savoring genoemd - dragen bij aan het welbevinden. Mensen die bewust stilstaan bij wat fijn was en bij de leuke dingen die in het verschiet liggen, rapporteren in onderzoek gemiddeld meer positieve emoties en meer tevredenheid. Van Zundert plaatst wel een kanttekening: het is nog niet goed te bepalen hoe groot dat effect precies is ten opzichte van andere factoren, en niet iedereen ervaart het als prettig. ‘Sommige kinderen bouwen juist een bescherming op tegen voorpret, omdat het ook kan tegenvallen.’

Simpele vragen als: waar verheug je je op?, of: wat was er fijn vandaag?, kunnen al bijdragen aan het welbevinden. De bekende oefening Drie fijne dingen, waarbij een kind ‘s avonds kort benoemt wat er die dag goed ging, blijkt zo’n opwaartse spiraal op gang te brengen.

Blummel heeft dat ook ervaren, met een leerling die het thuis zwaar had. ‘Op een gegeven moment kwam ze binnen met een koekje uit de kantine, waar ze de hele week voor gespaard had.’ Blummel zorgde een paar dagen later voor een nieuw koekje - een klein ingangetje voor contact. ‘Na een paar weken vroeg dat meisje: zullen we straks samen zo’n koekje eten? Misschien was dat wel haar lichtpuntje die week.’ Zo kan savoring bijdragen aan een goed gevoel en daardoor aan veerkracht.

Van Zundert wil tot slot nóg een vaardigheid noemen die veel kan bijdragen aan veerkracht. ‘Als ik zou mogen kiezen wat ieder kind op school zou moeten leren, dan zou dat mindfulness zijn,’ zegt ze. ‘Het vermogen om zonder oordeel en met volle aandacht in het hier en nu te zijn, vergroot niet alleen het genieten, maar ook het dragen van moeilijke momenten. En dat maakt je welbevinden minder afhankelijk van wat er in je leven gebeurt.’

Voorpret en nagenieten

Ook als een kind zich bewust is van zijn eigen kwaliteiten, vergroot dat de veerkracht. Van Zundert: ‘Kent een kind zijn kwaliteiten, dan zal het die ook meer bij zichzelf zien; zeker wanneer anderen dat ook doen.’ Met kinderen bouwt Van Zundert eerst een woordenschat van kwaliteiten op, vervolgens gaan de kinderen de eigen sterke kanten identificeren, dan hun kwaliteiten ontwikkelen en ten slotte inzetten.

‘Onze actieve woordenschat van kwaliteiten - dat zijn de kwaliteiten die we bewust kunnen opnoemen - is veel kleiner dan onze passieve woordenschat - de woorden die we wel kennen maar niet actief en bewust herkennen als zijnde kwaliteiten,’ legt Van Zundert uit. ‘Als je die actieve woordenschat vergroot, ga je deze kwaliteiten bij jezelf herkennen en benutten. Ook bij anderen zul je ze eerder herkennen.’

Blummel vertelt over een jongen met ADHD die op de basisschool alleen bekendstond als druk en vervelend. Ze gaf hem de rol van voorzitter in een groepje van vier. ‘Hij kon ontzettend goed schakelen en zorgen dat iedereen aan de beurt kwam.’ Een kind dat eerst alleen het stempel lastig had, kreeg zo erkenning voor een kwaliteit: goed in leidinggeven.

Woordenschat van kwaliteiten

Kinderen die weinig positieve bevestiging krijgen, ontwikkelen soms een negatief zelfbeeld dat zichzelf in stand houdt. Van Zundert noemt het voorbeeld van een kind met een lage eigenwaarde dat denkt: mensen zitten niet op mij te wachten. ‘Dat wordt dan het filter waardoor het kind naar alle situaties kijkt en zo ontstaat een self-fulfilling prophecy.’

Belemmerende gedachten

Iemand uit de omgeving van een kind kan een bron van veiligheid zijn. Denk aan de voetbalcoach of die ene leerkracht. Volgens Van Zundert blijkt dit ook uit onderzoek naar trauma: ‘Het hebben van in ieder geval één veilige volwassene die jou echt ziet, springt eruit als een van de meest beschermende factoren.’ Blummel: ‘Wat ik vaak zie, is dat die volwassene er gewoon moet zijn voor het kind. Niet per se helpen of iets bieden, maar laten merken: ik ben hier, ik ga niet weg. Daardoor kan een vertrouwensband ontstaan. Bij kleuters is dit wel makkelijker dan bij oudere kinderen en pubers, omdat zij nog maar beperkt een muur hebben opgebouwd.’

School en sportclub

Positieve ervaringen opdoen is belangrijk voor élk kind, maar zeker voor kinderen die zijn opgegroeid in een onveilige situatie. Zij hebben vaak stress opgebouwd in hun lijf. Van Zundert wijst in dit verband op onderzoek naar ACE’s (Adverse Childhood Experiences), zoals mishandeling of een verslaafde ouder. Bij een hoge ACE-score is vaak ook de cognitieve ontwikkeling verstoord. ‘Om die te herstellen is het belangrijk om de volledige capaciteit van je brein weer te benutten, en positieve emoties kunnen eraan bijdragen dat die capaciteit weer beschikbaar komt.’

Toch zit hier wel een addertje onder het gras, want positiviteit kan voor deze kinderen ook onveilig aanvoelen. ‘Wat wij als positief zien vanuit een gezonde blik, kan voor een kind met trauma juist als bedreigend worden ervaren,’ aldus Van Zundert. Een systeem dat is getraind om altijd alert te blijven, durft zich soms niet te ontspannen wanneer die ontspanning, al dan niet bewust, geassocieerd wordt met onveiligheid.

Blummel herkent dat. Ze vertelt over een kind dat volledig verstijfde toen ze een hand op zijn schouder legde om hem gerust te stellen: ‘Ik dacht: we zijn oké samen. Maar met die hand triggerde ik precies het tegenovergestelde van wat ik wilde. In plaats van rustiger werd het kind angstiger.’ De oplossing was niet stoppen met positieve aandacht, maar kleine stapjes: titreren, noemt Van Zundert dat. 

Extra belangrijk bij trauma

Je kunt wachten met het bewust creëren van positieve ervaringen en emoties tot een moment waarop het minder goed gaat met een kind. Maar je kunt daar ook al eerder mee beginnen, wanneer het nog goed gaat. ‘Dat laatste werkt sterk preventief,’ zegt Van Zundert, ‘het kind bouwt dan reserves op waar het later op kan terugvallen.’

Positieve emoties activeren bovendien de delen van het brein die nodig zijn om te leren, te reflecteren en impulsen te beheersen. Onder stress schakelt het brein juist over naar de overlevingsstand, en dan is daar geen ruimte meer voor.

Ons lichaam herstelt van stress als we positieve emoties als rust, tevredenheid en vreugde ervaren. Benut dat zogenaamde undoing effect, adviseren experts Rinka van Zundert en Lenneke Blummel, ‘En leer kinderen de vaardigheden en strategieën die de kans op positieve ervaringen vergroten.’

Een buffer opbouwen
De kracht van
positieve ervaringen

Iemand uit de omgeving van een kind kan een bron van veiligheid zijn. Denk aan de voetbalcoach of die ene leerkracht. Volgens Van Zundert blijkt dit ook uit onderzoek naar trauma: ‘Het hebben van in ieder geval één veilige volwassene die jou echt ziet, springt eruit als een van de meest beschermende factoren.’ Blummel: ‘Wat ik vaak zie, is dat die volwassene er gewoon moet zijn voor het kind. Niet per se helpen of iets bieden, maar laten merken: ik ben hier, ik ga niet weg. Daardoor kan een vertrouwensband ontstaan. Bij kleuters is dit wel makkelijker dan bij oudere kinderen en pubers, omdat zij nog maar beperkt een muur hebben opgebouwd.’

School en sportclub
Leestip van Rinka van Zundert

‘Levenskunst voor kinderen van Jeroen Bense is een praktisch boek voor grootouders, verzorgers en mensen uit het onderwijs die willen werken aan veerkracht bij kinderen.’

Betekent een focus op het positieve dat er geen aandacht meer mag zijn voor wat moeilijk gaat? Absoluut niet, zegt Van Zundert. ‘Alles wat je negeert of wegstopt, gaat toch aan het stuur zitten en je leven beheersen.’ Onderdrukte emoties zoeken een uitweg, bijvoorbeeld in lichamelijke klachten of passief-agressief gedrag. Het gaat dus niet om kiezen tussen moeilijk óf positief, maar om beide een plek geven: problemen serieus benoemen én bewust ruimte maken voor wat goed gaat. Voor jeugdprofessionals betekent dat bijvoorbeeld: naast het gesprek over wat lastig is, ook actief vragen naar wat goed ging, benoemen welke kwaliteiten een kind laat zien, of vragen naar waar het kind met een goed gevoel op terug- of naar uitkijkt. Klein, concreet en oprecht.

Ook ruimte voor problemen?

Ook voorpret en nagenieten - in de wetenschap savoring genoemd - dragen bij aan het welbevinden. Mensen die bewust stilstaan bij wat fijn was en bij de leuke dingen die in het verschiet liggen, rapporteren in onderzoek gemiddeld meer positieve emoties en meer tevredenheid. Van Zundert plaatst wel een kanttekening: het is nog niet goed te bepalen hoe groot dat effect precies is ten opzichte van andere factoren, en niet iedereen ervaart het als prettig. ‘Sommige kinderen bouwen juist een bescherming op tegen voorpret, omdat het ook kan tegenvallen.’

Simpele vragen als: waar verheug je je op?, of: wat was er fijn vandaag?, kunnen al bijdragen aan het welbevinden. De bekende oefening Drie fijne dingen, waarbij een kind ‘s avonds kort benoemt wat er die dag goed ging, blijkt zo’n opwaartse spiraal op gang te brengen.

Blummel heeft dat ook ervaren, met een leerling die het thuis zwaar had. ‘Op een gegeven moment kwam ze binnen met een koekje uit de kantine, waar ze de hele week voor gespaard had.’ Blummel zorgde een paar dagen later voor een nieuw koekje - een klein ingangetje voor contact. ‘Na een paar weken vroeg dat meisje: zullen we straks samen zo’n koekje eten? Misschien was dat wel haar lichtpuntje die week.’ Zo kan savoring bijdragen aan een goed gevoel en daardoor aan veerkracht.

Van Zundert wil tot slot nóg een vaardigheid noemen die veel kan bijdragen aan veerkracht. ‘Als ik zou mogen kiezen wat ieder kind op school zou moeten leren, dan zou dat mindfulness zijn,’ zegt ze. ‘Het vermogen om zonder oordeel en met volle aandacht in het hier en nu te zijn, vergroot niet alleen het genieten, maar ook het dragen van moeilijke momenten. En dat maakt je welbevinden minder afhankelijk van wat er in je leven gebeurt.’

Voorpret en nagenieten
Lenneke Blummel:

‘Zelfs bij kleuters is een actieve kwaliteiten-woordenschat vaak al goed op te bouwen’

Blummel legt uit dat het opbouwen van een woordenschat van kwaliteiten bij jonge kinderen en jongeren op eenzelfde manier werkt, alleen verschillen toon en woordkeuze. ‘Maar zelfs bij kleuters is een actieve kwaliteiten-woordenschat vaak al goed op te bouwen.’

Kwaliteiten erkennen leidt tot meer zelfvertrouwen voor het kind en waardering voor anderen. Blummel laat kinderen vaak complimenten geven aan elkaar. Dat werkt alleen in een veilige groep. ‘Je wilt niet dat een kind in de klas een compliment moet gaan geven aan iemand die het zojuist nog heeft lopen pesten.’ Is de groep onveilig, dan moet daar eerst aan gewerkt worden.

Ook als een kind zich bewust is van zijn eigen kwaliteiten, vergroot dat de veerkracht. Van Zundert: ‘Kent een kind zijn kwaliteiten, dan zal het die ook meer bij zichzelf zien; zeker wanneer anderen dat ook doen.’ Met kinderen bouwt Van Zundert eerst een woordenschat van kwaliteiten op, vervolgens gaan de kinderen de eigen sterke kanten identificeren, dan hun kwaliteiten ontwikkelen en ten slotte inzetten.

‘Onze actieve woordenschat van kwaliteiten - dat zijn de kwaliteiten die we bewust kunnen opnoemen - is veel kleiner dan onze passieve woordenschat - de woorden die we wel kennen maar niet actief en bewust herkennen als zijnde kwaliteiten,’ legt Van Zundert uit. ‘Als je die actieve woordenschat vergroot, ga je deze kwaliteiten bij jezelf herkennen en benutten. Ook bij anderen zul je ze eerder herkennen.’

Blummel vertelt over een jongen met ADHD die op de basisschool alleen bekendstond als druk en vervelend. Ze gaf hem de rol van voorzitter in een groepje van vier. ‘Hij kon ontzettend goed schakelen en zorgen dat iedereen aan de beurt kwam.’ Een kind dat eerst alleen het stempel lastig had, kreeg zo erkenning voor een kwaliteit: goed in leidinggeven.

Woordenschat van kwaliteiten

Het kan een kind dan ook enorm helpen als het de negatieve gedachten over zichzelf kan onderzoeken en loslaten Daar kun je volgens Van Zundert niet vroeg genoeg mee beginnen. ‘Ik vind het ongelofelijk zonde dat je dit niet op school leert. Want een overtuiging die je op je 8e meekrijgt, kun je nog veranderen. Dat kost op je 40e veel meer moeite.’

Blummel werkte recent met een juf die dit patroon zag bij een net overgestapte leerling. Het kind dacht: ik kan het toch niet. De juf ging bewust, bijna overdreven, benoemen wat wél lukte. Na een tijdje kwam het initiatief van het kind zelf: ‘Juf, kijk eens wat ik heb gedaan.’ Belangrijk is wel dat zulke complimenten oprecht zijn en aan een echte actie gekoppeld, dus niet zomaar loos geroepen.

Kinderen die weinig positieve bevestiging krijgen, ontwikkelen soms een negatief zelfbeeld dat zichzelf in stand houdt. Van Zundert noemt het voorbeeld van een kind met een lage eigenwaarde dat denkt: mensen zitten niet op mij te wachten. ‘Dat wordt dan het filter waardoor het kind naar alle situaties kijkt en zo ontstaat een self-fulfilling prophecy.’

Belemmerende gedachten

Positieve ervaringen opdoen is belangrijk voor élk kind, maar zeker voor kinderen die zijn opgegroeid in een onveilige situatie. Zij hebben vaak stress opgebouwd in hun lijf. Van Zundert wijst in dit verband op onderzoek naar ACE’s (Adverse Childhood Experiences), zoals mishandeling of een verslaafde ouder. Bij een hoge ACE-score is vaak ook de cognitieve ontwikkeling verstoord. ‘Om die te herstellen is het belangrijk om de volledige capaciteit van je brein weer te benutten, en positieve emoties kunnen eraan bijdragen dat die capaciteit weer beschikbaar komt.’

Toch zit hier wel een addertje onder het gras, want positiviteit kan voor deze kinderen ook onveilig aanvoelen. ‘Wat wij als positief zien vanuit een gezonde blik, kan voor een kind met trauma juist als bedreigend worden ervaren,’ aldus Van Zundert. Een systeem dat is getraind om altijd alert te blijven, durft zich soms niet te ontspannen wanneer die ontspanning, al dan niet bewust, geassocieerd wordt met onveiligheid.

Blummel herkent dat. Ze vertelt over een kind dat volledig verstijfde toen ze een hand op zijn schouder legde om hem gerust te stellen: ‘Ik dacht: we zijn oké samen. Maar met die hand triggerde ik precies het tegenovergestelde van wat ik wilde. In plaats van rustiger werd het kind angstiger.’ De oplossing was niet stoppen met positieve aandacht, maar kleine stapjes: titreren, noemt Van Zundert dat. 

Extra belangrijk bij trauma

Van Zundert: ‘Door kinderen bewust te laten worden van hun gedachten, gevoelens en gedrag - en hen vaardigheden en strategieën aan te reiken die deze positief kunnen beïnvloeden - help je hen om meer positieve ervaringen te creëren op mentaal, emotioneel en sociaal vlak. Belemmerende gedachten over zichzelf, anderen en situaties kunnen dan transformeren naar meer helpende gedachten. Dat leidt bijvoorbeeld tot meer zelfvertrouwen en een fijnere interactie met anderen. Als een kind zijn eigen emoties snapt en aankan, geeft dat een gevoel van kracht. En zo zijn er nog veel meer vaardigheden die een kind zich eigen kan maken om de kans op positieve ervaringen te vergroten.’ Zo ontstaat die buffer.

Rinka van Zundert:

‘Als een kind zijn emoties snapt en aankan, geeft dat een gevoel van kracht’

Lenneke Blummel-Akerboom stond jarenlang voor de klas en is sinds zeven jaar trainer en begeleider bij Leer- & Veerkracht. Ze ziet op de scholen waar ze komt dat kinderen beter tijdig een buffer kunnen opbouwen. ‘Op het moment dat een kind al heel veel stress heeft, komt niets meer aan. Het zit dan in de overlevingsstand.’ Ze legt vaak uit aan leerkrachten die het gevoel hebben dat praten met een kind geen zin heeft: ‘Zorg eerst dat een kind weer op adem komt. Pas daarna kun je een gesprek voeren.’

Je kunt wachten met het bewust creëren van positieve ervaringen en emoties tot een moment waarop het minder goed gaat met een kind. Maar je kunt daar ook al eerder mee beginnen, wanneer het nog goed gaat. ‘Dat laatste werkt sterk preventief,’ zegt Van Zundert, ‘het kind bouwt dan reserves op waar het later op kan terugvallen.’

Hier vind je meer informatie over de app.

Hoe professionals de app kunnen gebruiken in hun werk met kinderen, is beschreven in een handreiking voor professionals.

Ouders kunnen hun kind helpen met het downloaden en hen stimuleren om de app te gebruiken. In de handreiking voor ouders staat beschreven hoe de app werkt en hoe je hierover kunt praten met je kind.

Stress hoort bij het leven, ook voor kinderen. De OpPepper App van Augeo helpt kinderen daarmee omgaan. Het doel van de app is kinderen te laten ervaren dat ze invloed kunnen hebben op hun gedachten en gevoelens, ook als het tegenzit. En zo hun veerkracht kunnen versterken. Samen met het figuurtje Pep doet het kind allerlei korte oefeningen (OpPeppers) en komt hij erachter wat bij hem het beste werkt.

OpPepper App voor kinderen
Een buffer opbouwen

Positieve emoties activeren bovendien de delen van het brein die nodig zijn om te leren, te reflecteren en impulsen te beheersen. Onder stress schakelt het brein juist over naar de overlevingsstand, en dan is daar geen ruimte meer voor.

Een kind dat thuis geen complimenten krijgt, maar leert aannemen dat het iets goed doet. Een jongen met het label ‘druk’, die uitgroeit tot de beste voorzitter van de klas. Of een meisje voor wie een koekje uit de kantine een ingang tot praten blijkt te zijn. In kleine momenten wordt vaak zichtbaar hoeveel invloed positieve ervaringen hebben op hoe kinderen zich voelen en ontwikkelen.

Orthopedagoog Rinka van Zundert: ‘Positieve emoties helpen ons herstellen van stress, ze maken ons fysiek gezonder, en ze vergroten ons vermogen om te leren, te werken en met anderen te verbinden.’

Een voorbeeld: van oudsher hebben we een angst om afgewezen te worden door de groep. Van Zundert: ‘Ons systeem is daar nog steeds op bedraad, ook al gaan we er niet meer dood aan als we buiten de groep vallen.’ Van de stress die door zo’n angst wordt opgeroepen, herstelt ons lichaam wanneer we positieve emoties als rust, tevredenheid en vreugde ervaren. Van Zundert noemt dit, in navolging van onderzoeker Barbara Fredrickson, het undoing effect.

Lenneke Blummel werkte ruim achttien jaar als leerkracht, bouwcoördinator, MT-lid en didactisch coach in het basisonderwijs. Ze was betrokken bij het Leer- & Veerkrachttraject op de Nicolaasschool in Rotterdam en is sinds zeven jaar werkzaam als trainer en begeleider bij Leer- & Veerkracht.

Orthopedagoog Rinka van Zundert promoveerde aan de Radboud Universiteit, waar zij een master Positieve psychologie opzette. Daarna ontwikkelde ze Leer- & Veerkracht, waarmee ze veerkracht en welbevinden binnen het onderwijs stimuleert.

achtergrond

7,5 min.

Annelies van der Woude

Ons lichaam herstelt van stress als we positieve emoties als rust, tevredenheid en vreugde ervaren. Benut dat zogenaamde undoing effect, adviseren experts Rinka van Zundert en Lenneke Blummel, ‘En leer kinderen de vaardigheden en strategieën die de kans op positieve ervaringen vergroten.’

De kracht van
positieve ervaringen

deel dit artikel

Augeo Magazine: Hét online tijdschrift over veilig opgroeien

Professionals en beleidsmakers bijpraten over de nieuwste ontwikkelingen, onderzoeken, dilemma’s en besluiten rond de veiligheid van kinderen. Dat doet Augeo Foundation al 15 jaar met onder andere e-learnings, bijeenkomsten en Augeo Magazine. Ons magazine verschijnt 5x per jaar. Meld je aan om gratis abonnee te worden.
Volledig scherm