Vorige pagina
Inhoudsopgave
Colofon
Volgende pagina
Kindbehartiger Marieke Lips, gaat in haar podcastserie Kind & Scheiding regelmatig in gesprek met kinderen en jongeren zelf. In deze aflevering praat zij met twee jongeren van Villa Pinedo over hun ervaringen met contactverlies met een ouder in hun jeugd. Over de aanleiding voor het contactverlies, hun gevoelens en gedachten en wat zij destijds nodig hadden.
‘De podcast Papa, ik wil je nooit meer zien is een aangrijpende luisterervaring waarin Paul van den Ham zijn eigen pijnlijke ervaring deelt: het verlies van contact met zijn kinderen na zijn scheiding. In zijn zoektocht naar antwoorden gaat hij het gesprek aan met uiteenlopende betrokkenen en laat hij zien hoe complex en veelzijdig dit probleem is.’
‘In het boek Littekens uit je jeugd beschrijft psychiater Christiaan Vinkers hoe de sporen van langdurige (psychische) geweldspatronen of het ontbreken van veiligheid of voorspelbaarheid tijdens de opvoeding soms levenslang zichtbaar blijven. Zeer relevant voor situaties waar vervreemde kinderen onder de hoede blijven van een pleger (m/v) van dwingende controle.’
‘Deze kinderen hebben vaak behoefte aan een vertrouwenspersoon die heel goed kan luisteren’
‘Bij ouderverstoting mag je niet neutraal blijven. Anders faciliteert je de pleger-ouder om door te gaan’
Bij die dominante ouder zien we dan ook haast altijd kenmerken van intieme terreur, dwingende controle. Patronen van macht en controle die meestal al tijdens de relatie aanwezig waren. Deze vorm van psychisch geweld is voor hulpverleners vaak lastig te herkennen, omdat het zich buiten hun zicht afspeelt. De afgewezen ouder wordt vaak niet geloofd of vindt geen gehoor, die wordt - ook door professionals - gezien als de kwade genius.’
Ik heb een vader begeleid die het contact met zijn dochtertje verloor toen zij 3 of 4 was. Zijn ex-vrouw beschuldigde hem van seksueel misbruik van zijn dochter. Dat is onderzocht door artsen, door de politie. Er is vastgesteld dat er niets aan de hand was. Toch bleef het hem achtervolgen bij al zijn pogingen het contact te herstellen. En zijn dochter groeit ondertussen op met het idee dat haar vader haar misbruikt heeft. Het meisje is inmiddels 12 en woont nog steeds bij de moeder. De vader heeft zijn dochter nooit meer mogen zien.’
‘Kinderen die opgroeien met een ouder die dwingende controle uitoefent, ondervinden daar vaak de rest van hun leven de negatieve gevolgen van. Want door manipulatie en intimidatie ontstaat een ongezonde verstrengeling met de dominante ouder. Deze “behoeftige” ouder doet een emotioneel beroep op het kind, waardoor die zich gaat schikken naar de wensen en behoeften van die ouder. Kinderen zijn te jong en te afhankelijk van de ouder om daar weerstand aan te bieden. Hoe meer het kind verstrikt raakt met de één, hoe meer afstand het neemt van de andere ouder. En dat gaat meestal gepaard met minachting, boosheid, verwijten en respectloos gedrag.
Ouderverstoting is een overlevingsstrategie van het kind. Het is geen vrije keuze. Dit wordt ook wel psychologische splitting genoemd, of zwart-wit denken. Meebewegen en gehoorzamen aan de dominante ouder voelt voor een kind als meest veilige optie.
Deze kinderen komen onvoldoende toe aan hun eigen ontwikkeling en leren niet goed zelfstandig denken of eigen beslissingen nemen. Omdat de vervreemdende ouder via een patroon van dwang, macht en controle het dagelijks leven, het gedrag en zelfs de gevoelens van het kind stuurt. Het misleidende is dat de band tussen deze ouder en kind voor buitenstaanders liefdevol en hecht lijkt, waardoor anderen minder snel zien wat er werkelijk speelt.
Dit stopt niet bij de huisarts. Deze ouders gaan door en zijn op zoek naar medestanders om de andere ouder uit het leven van hun kind te werken. Ze doen aangiftes bij de politie, meldingen bij Veilig Thuis. Dat gaat heel ver. En dit heeft niets te maken met het belang van het kind, maar alles met het ondermijnen van de relatie tussen het kind en de andere ouder.
Ik zie vaak dat er veel hulpverlening bij deze kinderen wordt ingezet, maar het probleem zit niet bij het kind. Deze kinderen hebben vaak behoefte aan een vertrouwenspersoon die heel goed kan luisteren.’
‘Ja, meestal is er veel herkenning. Dan denken ze terug aan een bepaalde casus, er vallen puzzelstukjes op hun plek. Ik geef ook nascholing aan huisartsen, ze zijn vaak de eerste professionals die ouderverstoting kunnen signaleren. Soms klopt de afgewezen ouder aan voor hulp omdat die helemaal vastloopt. Maar het gebeurt ook dat de dominante ouder daar de deur platloopt. Ze zien allerlei ziektes bij hun kind en leggen de oorzaak bij de omgang met de andere ouder. Dit zijn geen uitzonderingen. Vaak zijn kinderen bijvoorbeeld ziek rondom de overdracht of contactmomenten. “Dokter, denkt u ook niet dat het beter is als hij minder naar zijn vader gaat?”
‘Het gaat in deze zaken niet over een conflict tussen ouders, maar er is één ouder die extreem ontregelend gedrag laat zien. Dan mag je als professional niet neutraal blijven, omdat je de pleger zo faciliteert om door te gaan met het schadelijke gedrag.
Wat je veel ziet, is dat deze ouders naar mediation of een communicatietraject worden gestuurd. Dat is in Nederland bijna een soort mantra geworden: ouders moeten beter leren communiceren. Bij een “gewone” scheiding kan dat prima werken. Maar als er sprake is van psychisch geweld of dwingende controle juist niet. Dan is het belangrijk dat ouders zo min mogelijk met elkaar communiceren.
Gelukkig is daar nu steeds meer aandacht voor. Er is veel onderzoek, onder andere van de Vlaamse Sofie Vanassche, dat laat zien dat het veel belangrijker is voor het welzijn van kinderen dat ze met beide ouders afzonderlijk een goede band hebben, mits veilig uiteraard, dan dat ouders goed met elkaar communiceren.
De kunst is vooral om de dynamieken vroegtijdig te herkennen. Hoe eerder je erbij bent, hoe meer mogelijkheden om het giftige patroon te kunnen doorbreken. Elke casus is anders, en de aanpak verschilt dus. Maar tijd is echt cruciaal: de afgewezen ouder en het kind moeten zo snel mogelijk weer contact hebben. Want hoe langer dit proces van vervreemding duurt, hoe moeilijker het wordt.’
‘Je moet die weigering serieus nemen. Dat betekent niet dat je er automatisch in meegaat. Vraag door: “Waarom wil je die ouder niet meer zien?” Vaak kan een kind daar geen reden voor bedenken of komt het met iets onzinnigs als: “Mijn vader kookt nooit lekker.” Of: “Bij mama is het saai.” Onderzoek dan wat er achter deze antwoorden zit.’
‘Ja, wat het nog complexer maakt is dat de favoriete ouder, of ook wel de dominante ouder genoemd, vaak heel charmant en betrokken overkomt. Sociaal vaardig. Vaak zijn het ook mensen die behoorlijk hoog op de maatschappelijke ladder staan. Ze framen de afgewezen ouder op allerlei manieren. Vaders die hun kinderen niet zien, worden neergezet als gevaarlijk of onveilig. Moeders worden eerder neergezet als labiel of psychisch niet in orde.
De dominante ouders stellen zich ten opzichte van de hulpverlening en instanties heel coöperatief op en zeggen er alles aan te doen om het kind te bewegen naar de andere ouder te gaan. Deze ogenschijnlijk aardige en liefhebbende ouders trekken als het ware een rookgordijn op om professionals en betrokkenen af te leiden van zichzelf. Wanneer het traject niet loopt, wijzen ze voortdurend naar de andere ouder: daar moet je zijn. Dan hoor je uitspraken als: “Van mij mogen de kinderen gewoon naar hun vader, maar ze willen gewoon zelf niet.” Of: “Ik heb echt alles geprobeerd, maar ik kan ze toch niet dwingen?” Het frappante is: vervreemdende ouders gebruiken veelal dezelfde zinnen, alsof ze allemaal dezelfde opleiding hebben gevolgd. Hun uiteindelijke doel is macht en controle hebben over de ex-partner en het kind.
‘Ja, dat is het. Het gaat meestal heel subtiel en het lijken onschuldige uitspraken. Bijvoorbeeld een ouder die vraagt: “Hoe was het daar? Was het leuk of was je vader alleen maar bezig met zijn nieuwe vriendin?” Dat lijken kleine opmerkingen, maar kinderen voelen haarfijn aan wat er bedoeld wordt. Of ze krijgen een opdracht mee: “Als papa niet lief is, dan bel je mij hoor, dan kom ik je halen.”
Daarnaast worden herinneringen vaak overschreven. Een kind vertelt iets over een eerdere leuke vakantie. Waarop de vervreemdende ouder zegt: “Weet je niet meer dat mama jou in de auto liet zitten en zelf op het terras een ijsje ging eten?” Terwijl dat niet waar is.
De vervreemdende ouder zal ook niet positief reageren wanneer kinderen iets leuks vertellen over de andere ouder. Dan zegt de vervreemdende ouder bijvoorbeeld: “Fijn dat je het leuk hebt gehad bij je moeder, maar ik zat hier het hele weekend alleen.”’
‘De afgewezen ouder herkent soms: hee, mijn kind doet uitspraken die mijn ex ook doet’
‘Vervreemde kinderen kunnen heel stellig zijn. Ze twijfelen niet, hebben geen schuldgevoel en zijn overtuigd dat het hun eigen keuze was’
Kijk altijd naar patronen, niet naar incidenten. Doe feitenonderzoek. Maak bijvoorbeeld - met elk van de ouders afzonderlijk - een tijdlijn met belangrijke feitelijke gebeurtenissen, vanaf het moment dat de ouders elkaar ontmoetten tot nu. Wat speelde er in eerder in deze relatie? Waren er al signalen van dwingende controle, psychisch geweld? Als die vermoedens er zijn, is het essentieel om een screening te doen, of te laten doen, op huiselijk geweld, bijvoorbeeld via de MASIC.’
Vervreemde kinderen kunnen heel stellig zijn in het afwijzen van een ouder. Ze twijfelen niet, hebben geen schuldgevoel en zijn overtuigd dat het hun eigen keuze was. Dat is typerend voor “de stem van een vervreemd kind”, maar wordt door hulpverleners regelmatig verkeerd geïnterpreteerd. Zij zien het als bewijs dat er iets mis is tussen het kind en de afgewezen ouder.
Langzaam zie je dan dat kinderen meer kritiek gaan leveren op die andere ouder of beschuldigingen gaan uiten. De afgewezen ouder herkent dat soms: hee, maar dit zijn uitspraken die mijn ex ook doet.’
In het beginstadium hebben kinderen nog wel contact met die andere ouder, maar ze beginnen al een beetje tegen te sputteren.
‘Het begint vaak met langdurig gedoe rondom de omgangsregeling. Dan bedoel ik niet dat een afspraak over de overdracht van het kind een keer niet doorgaat, maar structureel gedoe. Dat één ouder bijvoorbeeld steeds tijd inpikt van de andere ouder, zonder te compenseren. Of dat de ene ouder toevallig nét iets leuks heeft gepland op de dag dat het kind naar de andere ouder zou gaan.
‘Je kunt het kind vragen om te vertellen wat er leuk is bij mama en wat er leuk is bij papa. Kinderen die al langer in dat vervreemdingsproces zitten, weten vaak een hele lijst aan leuke dingen op te noemen van de “favoriete” ouder en niets over de afgewezen ouder.
‘Wanneer een kind de ene ouder ophemelt en heel fel en kritisch is over de andere ouder. Boos, bijna agressief. Juist wanneer lijkt alsof alle loyaliteit richting die ene ouder weg is, is dat een heel krachtig signaal. De loyaliteit is niet weg, maar deze kinderen mogen in feite niet van de andere ouder houden.
Goed om alert op te zijn: kinderen die mishandeld worden, beschermen de pleger-ouder vaak. Ze vergoelijken en komen niet gemakkelijk naar buiten met de mishandeling. Laat staan dat ze respectloos of haatdragend zijn over die ouder.
Als de verhalen van ouders heel ver uiteenlopen, is dat ook een rode vlag.’
‘Wanneer een kind na een scheiding aangeeft een ouder niet meer te willen zien, dan moeten we dat altijd serieus nemen. Wat zit er achter zo’n uitspraak? Er kan een praktische of onschuldige reden zijn, maar er kan ook sprake zijn van ouderverstoting. Waarbij de ene ouder het contact met de andere ouder frustreert en tegenwerkt. Het lijkt een eigen besluit van het kind, maar ouderverstoting is het gevolg van langdurige beïnvloeding door de andere ouder. Ouderverstoting is een vorm van kindermishandeling als we naar het kind kijken én het is ex-partnergeweld voor de verstoten ouder. Dat moeten we niet vergeten.
Daarom is het belangrijk dat wij professionals hier kennis van hebben, rode vlaggen herkennen en goed onderzoek doen. Trek niet te snel conclusies. Je kunt zo makkelijk misleid worden.’
Volg Monique op LinkedIn
Monique Meulemans is inhoudsdeskundige op het gebied van ouderverstoting. Ze begeleidt ouders die het contact met hun kinderen (dreigen te) verliezen. Daarnaast traint Meulemans professionals in het vroegtijdig signaleren van ouderverstoting. Ze schreef het boek Emotioneel gevangen, over ouderverstoting.
interview
9 min.
Studio Vonq
Jessica Maas
Als een kind een van de ouders afwijst, kan daar vanalles achter schuilgaan, weet Monique Meulemans, trainer van professionals die met ingewikkelde scheidingen en ouderverstoting te maken hebben. Hoe neem je als professional de stem van een kind serieus zonder te snel conclusies te trekken?
Vorige pagina
Colofon
Inhoudsopgave
deel dit artikel
Volgende pagina
Kindbehartiger Marieke Lips, gaat in haar podcastserie Kind & Scheiding regelmatig in gesprek met kinderen en jongeren zelf. In deze aflevering praat zij met twee jongeren van Villa Pinedo over hun ervaringen met contactverlies met een ouder in hun jeugd. Over de aanleiding voor het contactverlies, hun gevoelens en gedachten en wat zij destijds nodig hadden.
‘De podcast Papa, ik wil je nooit meer zien is een aangrijpende luisterervaring waarin Paul van den Ham zijn eigen pijnlijke ervaring deelt: het verlies van contact met zijn kinderen na zijn scheiding. In zijn zoektocht naar antwoorden gaat hij het gesprek aan met uiteenlopende betrokkenen en laat hij zien hoe complex en veelzijdig dit probleem is.’
‘In het boek Littekens uit je jeugd beschrijft psychiater Christiaan Vinkers hoe de sporen van langdurige (psychische) geweldspatronen of het ontbreken van veiligheid of voorspelbaarheid tijdens de opvoeding soms levenslang zichtbaar blijven. Zeer relevant voor situaties waar vervreemde kinderen onder de hoede blijven van een pleger (m/v) van dwingende controle.’
‘Kinderen die opgroeien met een ouder die dwingende controle uitoefent, ondervinden daar vaak de rest van hun leven de negatieve gevolgen van. Want door manipulatie en intimidatie ontstaat een ongezonde verstrengeling met de dominante ouder. Deze “behoeftige” ouder doet een emotioneel beroep op het kind, waardoor die zich gaat schikken naar de wensen en behoeften van die ouder. Kinderen zijn te jong en te afhankelijk van de ouder om daar weerstand aan te bieden. Hoe meer het kind verstrikt raakt met de één, hoe meer afstand het neemt van de andere ouder. En dat gaat meestal gepaard met minachting, boosheid, verwijten en respectloos gedrag.
Ouderverstoting is een overlevingsstrategie van het kind. Het is geen vrije keuze. Dit wordt ook wel psychologische splitting genoemd, of zwart-wit denken. Meebewegen en gehoorzamen aan de dominante ouder voelt voor een kind als meest veilige optie.
Deze kinderen komen onvoldoende toe aan hun eigen ontwikkeling en leren niet goed zelfstandig denken of eigen beslissingen nemen. Omdat de vervreemdende ouder via een patroon van dwang, macht en controle het dagelijks leven, het gedrag en zelfs de gevoelens van het kind stuurt. Het misleidende is dat de band tussen deze ouder en kind voor buitenstaanders liefdevol en hecht lijkt, waardoor anderen minder snel zien wat er werkelijk speelt.
Ik heb een vader begeleid die het contact met zijn dochtertje verloor toen zij 3 of 4 was. Zijn ex-vrouw beschuldigde hem van seksueel misbruik van zijn dochter. Dat is onderzocht door artsen, door de politie. Er is vastgesteld dat er niets aan de hand was. Toch bleef het hem achtervolgen bij al zijn pogingen het contact te herstellen. En zijn dochter groeit ondertussen op met het idee dat haar vader haar misbruikt heeft. Het meisje is inmiddels 12 en woont nog steeds bij de moeder. De vader heeft zijn dochter nooit meer mogen zien.’
Dit stopt niet bij de huisarts. Deze ouders gaan door en zijn op zoek naar medestanders om de andere ouder uit het leven van hun kind te werken. Ze doen aangiftes bij de politie, meldingen bij Veilig Thuis. Dat gaat heel ver. En dit heeft niets te maken met het belang van het kind, maar alles met het ondermijnen van de relatie tussen het kind en de andere ouder.
Ik zie vaak dat er veel hulpverlening bij deze kinderen wordt ingezet, maar het probleem zit niet bij het kind. Deze kinderen hebben vaak behoefte aan een vertrouwenspersoon die heel goed kan luisteren.’
‘Deze kinderen hebben vaak behoefte aan een vertrouwenspersoon die heel goed kan luisteren’
‘Ja, meestal is er veel herkenning. Dan denken ze terug aan een bepaalde casus, er vallen puzzelstukjes op hun plek. Ik geef ook nascholing aan huisartsen, ze zijn vaak de eerste professionals die ouderverstoting kunnen signaleren. Soms klopt de afgewezen ouder aan voor hulp omdat die helemaal vastloopt. Maar het gebeurt ook dat de dominante ouder daar de deur platloopt. Ze zien allerlei ziektes bij hun kind en leggen de oorzaak bij de omgang met de andere ouder. Dit zijn geen uitzonderingen. Vaak zijn kinderen bijvoorbeeld ziek rondom de overdracht of contactmomenten. “Dokter, denkt u ook niet dat het beter is als hij minder naar zijn vader gaat?”
‘Het gaat in deze zaken niet over een conflict tussen ouders, maar er is één ouder die extreem ontregelend gedrag laat zien. Dan mag je als professional niet neutraal blijven, omdat je de pleger zo faciliteert om door te gaan met het schadelijke gedrag.
Wat je veel ziet, is dat deze ouders naar mediation of een communicatietraject worden gestuurd. Dat is in Nederland bijna een soort mantra geworden: ouders moeten beter leren communiceren. Bij een “gewone” scheiding kan dat prima werken. Maar als er sprake is van psychisch geweld of dwingende controle juist niet. Dan is het belangrijk dat ouders zo min mogelijk met elkaar communiceren.
Gelukkig is daar nu steeds meer aandacht voor. Er is veel onderzoek, onder andere van de Vlaamse Sofie Vanassche, dat laat zien dat het veel belangrijker is voor het welzijn van kinderen dat ze met beide ouders afzonderlijk een goede band hebben, mits veilig uiteraard, dan dat ouders goed met elkaar communiceren.
De kunst is vooral om de dynamieken vroegtijdig te herkennen. Hoe eerder je erbij bent, hoe meer mogelijkheden om het giftige patroon te kunnen doorbreken. Elke casus is anders, en de aanpak verschilt dus. Maar tijd is echt cruciaal: de afgewezen ouder en het kind moeten zo snel mogelijk weer contact hebben. Want hoe langer dit proces van vervreemding duurt, hoe moeilijker het wordt.’
‘Bij ouderverstoting mag je niet neutraal blijven. Anders faciliteert je de pleger-ouder om door te gaan’
‘Je moet die weigering serieus nemen. Dat betekent niet dat je er automatisch in meegaat. Vraag door: “Waarom wil je die ouder niet meer zien?” Vaak kan een kind daar geen reden voor bedenken of komt het met iets onzinnigs als: “Mijn vader kookt nooit lekker.” Of: “Bij mama is het saai.” Onderzoek dan wat er achter deze antwoorden zit.’
‘Ja, dat is het. Het gaat meestal heel subtiel en het lijken onschuldige uitspraken. Bijvoorbeeld een ouder die vraagt: “Hoe was het daar? Was het leuk of was je vader alleen maar bezig met zijn nieuwe vriendin?” Dat lijken kleine opmerkingen, maar kinderen voelen haarfijn aan wat er bedoeld wordt. Of ze krijgen een opdracht mee: “Als papa niet lief is, dan bel je mij hoor, dan kom ik je halen.”
Daarnaast worden herinneringen vaak overschreven. Een kind vertelt iets over een eerdere leuke vakantie. Waarop de vervreemdende ouder zegt: “Weet je niet meer dat mama jou in de auto liet zitten en zelf op het terras een ijsje ging eten?” Terwijl dat niet waar is.
De vervreemdende ouder zal ook niet positief reageren wanneer kinderen iets leuks vertellen over de andere ouder. Dan zegt de vervreemdende ouder bijvoorbeeld: “Fijn dat je het leuk hebt gehad bij je moeder, maar ik zat hier het hele weekend alleen.”’
‘Ja, wat het nog complexer maakt is dat de favoriete ouder, of ook wel de dominante ouder genoemd, vaak heel charmant en betrokken overkomt. Sociaal vaardig. Vaak zijn het ook mensen die behoorlijk hoog op de maatschappelijke ladder staan. Ze framen de afgewezen ouder op allerlei manieren. Vaders die hun kinderen niet zien, worden neergezet als gevaarlijk of onveilig. Moeders worden eerder neergezet als labiel of psychisch niet in orde.
De dominante ouders stellen zich ten opzichte van de hulpverlening en instanties heel coöperatief op en zeggen er alles aan te doen om het kind te bewegen naar de andere ouder te gaan. Deze ogenschijnlijk aardige en liefhebbende ouders trekken als het ware een rookgordijn op om professionals en betrokkenen af te leiden van zichzelf. Wanneer het traject niet loopt, wijzen ze voortdurend naar de andere ouder: daar moet je zijn. Dan hoor je uitspraken als: “Van mij mogen de kinderen gewoon naar hun vader, maar ze willen gewoon zelf niet.” Of: “Ik heb echt alles geprobeerd, maar ik kan ze toch niet dwingen?” Het frappante is: vervreemdende ouders gebruiken veelal dezelfde zinnen, alsof ze allemaal dezelfde opleiding hebben gevolgd. Hun uiteindelijke doel is macht en controle hebben over de ex-partner en het kind.
Bij die dominante ouder zien we dan ook haast altijd kenmerken van intieme terreur, dwingende controle. Patronen van macht en controle die meestal al tijdens de relatie aanwezig waren. Deze vorm van psychisch geweld is voor hulpverleners vaak lastig te herkennen, omdat het zich buiten hun zicht afspeelt. De afgewezen ouder wordt vaak niet geloofd of vindt geen gehoor, die wordt - ook door professionals - gezien als de kwade genius.’
Langzaam zie je dan dat kinderen meer kritiek gaan leveren op die andere ouder of beschuldigingen gaan uiten. De afgewezen ouder herkent dat soms: hee, maar dit zijn uitspraken die mijn ex ook doet.’
‘De afgewezen ouder herkent soms: hee, mijn kind doet uitspraken die mijn ex ook doet’
In het beginstadium hebben kinderen nog wel contact met die andere ouder, maar ze beginnen al een beetje tegen te sputteren.
‘Het begint vaak met langdurig gedoe rondom de omgangsregeling. Dan bedoel ik niet dat een afspraak over de overdracht van het kind een keer niet doorgaat, maar structureel gedoe. Dat één ouder bijvoorbeeld steeds tijd inpikt van de andere ouder, zonder te compenseren. Of dat de ene ouder toevallig nét iets leuks heeft gepland op de dag dat het kind naar de andere ouder zou gaan.
Kijk altijd naar patronen, niet naar incidenten. Doe feitenonderzoek. Maak bijvoorbeeld - met elk van de ouders afzonderlijk - een tijdlijn met belangrijke feitelijke gebeurtenissen, vanaf het moment dat de ouders elkaar ontmoetten tot nu. Wat speelde er in eerder in deze relatie? Waren er al signalen van dwingende controle, psychisch geweld? Als die vermoedens er zijn, is het essentieel om een screening te doen, of te laten doen, op huiselijk geweld, bijvoorbeeld via de MASIC.’
Vervreemde kinderen kunnen heel stellig zijn in het afwijzen van een ouder. Ze twijfelen niet, hebben geen schuldgevoel en zijn overtuigd dat het hun eigen keuze was. Dat is typerend voor “de stem van een vervreemd kind”, maar wordt door hulpverleners regelmatig verkeerd geïnterpreteerd. Zij zien het als bewijs dat er iets mis is tussen het kind en de afgewezen ouder.
‘Wanneer een kind de ene ouder ophemelt en heel fel en kritisch is over de andere ouder. Boos, bijna agressief. Juist wanneer lijkt alsof alle loyaliteit richting die ene ouder weg is, is dat een heel krachtig signaal. De loyaliteit is niet weg, maar deze kinderen mogen in feite niet van de andere ouder houden.
Goed om alert op te zijn: kinderen die mishandeld worden, beschermen de pleger-ouder vaak. Ze vergoelijken en komen niet gemakkelijk naar buiten met de mishandeling. Laat staan dat ze respectloos of haatdragend zijn over die ouder.
Als de verhalen van ouders heel ver uiteenlopen, is dat ook een rode vlag.’
‘Wanneer een kind na een scheiding aangeeft een ouder niet meer te willen zien, dan moeten we dat altijd serieus nemen. Wat zit er achter zo’n uitspraak? Er kan een praktische of onschuldige reden zijn, maar er kan ook sprake zijn van ouderverstoting. Waarbij de ene ouder het contact met de andere ouder frustreert en tegenwerkt. Het lijkt een eigen besluit van het kind, maar ouderverstoting is het gevolg van langdurige beïnvloeding door de andere ouder. Ouderverstoting is een vorm van kindermishandeling als we naar het kind kijken én het is ex-partnergeweld voor de verstoten ouder. Dat moeten we niet vergeten.
Daarom is het belangrijk dat wij professionals hier kennis van hebben, rode vlaggen herkennen en goed onderzoek doen. Trek niet te snel conclusies. Je kunt zo makkelijk misleid worden.’
Volg Monique op LinkedIn
Monique Meulemans is inhoudsdeskundige op het gebied van ouderverstoting. Ze begeleidt ouders die het contact met hun kinderen (dreigen te) verliezen. Daarnaast traint Meulemans professionals in het vroegtijdig signaleren van ouderverstoting. Ze schreef het boek Emotioneel gevangen, over ouderverstoting.
Als een kind een van de ouders afwijst, kan daar vanalles achter schuilgaan, weet Monique Meulemans, trainer van professionals die met ingewikkelde scheidingen en ouderverstoting te maken hebben. Hoe neem je als professional de stem van een kind serieus zonder te snel conclusies te trekken?
interview
9 min.
Studio Vonq
Jessica Maas
‘Vervreemde kinderen kunnen heel stellig zijn. Ze twijfelen niet, hebben geen schuldgevoel en zijn overtuigd dat het hun eigen keuze was’
‘Je kunt het kind vragen om te vertellen wat er leuk is bij mama en wat er leuk is bij papa. Kinderen die al langer in dat vervreemdingsproces zitten, weten vaak een hele lijst aan leuke dingen op te noemen van de “favoriete” ouder en niets over de afgewezen ouder.