Artikel 43 - Comité voor de Rechten van het Kind
Dit comité ziet wereldwijd toe op de naleving van kinderrechten en beoordeelt hoe landen hun verplichtingen uitvoeren.

Artikel 44 - Rapportageverplichting
Staten die het verdrag hebben ondertekend, moeten om de vijf jaar rapporteren over hoe zij kinderrechten waarborgen en verbeteren.

Artikel 45 - Gespecialiseerde organisaties
Het comité mag advies vragen aan jongeren en organisaties die voor en met kinderen en jongeren werken. In Nederland verzorgt het Kinderrechtencollectief de rapportages namens de kinderrechtenorganisaties.

Kinderrechten zijn vastgelegd in het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK). Elk artikel benoemt een specifiek recht of een verplichting voor landen die het verdrag hebben ondertekend. Hieronder lichten we de rechten toe die in dit artikel het meest relevant zijn.

Kinderrechten die passen bij dit artikel

Het Kinderrechtenverdrag bevat 54 artikelen, die we kunnen onderverdelen in dertien overkoepelende thema’s:

Kinderrechten thema's

Het belang van het kind moet altijd vooropstaan als er besluiten worden genomen die kinderen raken. Maar dat kan in de praktijk best moeilijk zijn. Dus hoe je dit het beste? De Kinderombudsman heeft dit handige stappenplan voor professionals ontworpen.

Het belang van het kind

Hoe kijken jongeren in Nederland eigenlijk naar kinderrechten? Onderzoek van de State of Youth laat zien dat de meerderheid van de jongeren geen kennis heeft over hun rechten. Ook vinden jongeren dat er nog te weinig geluisterd wordt naar hun mening. Op het gebied van mentaal welzijn, gelijke kansen, jeugdstrafrecht en jeugdzorg is er volgens jongeren nog veel te verbeteren.

State of Youth

Heb je nog een laatste tip voor professionals?

Westra: ‘Luister naar kinderen en jongeren. Zie ze als gelijkwaardige gesprekspartner en waardeer hun mening. Ga jezelf als professional niet boven hen stellen. Denk niet: omdat ik een opleiding hebt gedaan en allemaal handboeken heb gelezen, weet ik wat goed is voor dat kind. Ik denk dat we kinderen nog heel erg onderschatten en dat zij vaak héél goed zelf weten wat goed voor ze is.’

Lars, jij bent 18 jaar. Wat is de toegevoegde waarde van zo’n jonge vicevoorzitter?

Westra: ‘Toen de vacature voor voorzitter van het Kinderrechtencollectief online kwam, vroeg ik of daar een leeftijdsgrens aan zat. Ik was toen 15 en al een tijdje actief in de kinderrechten. Ze vonden het wel een beetje spannend om daar een kind voor in te zetten. Toen is de functie van vicevoorzitter in het leven geroepen.’

Dat pakte goed uit, vinden beiden. Als jongere kan Westra een brug slaan tussen jongeren en kinderrechtenorganisaties, en hij kijkt met een frisse blik naar routines. Als hij september volgend jaar vertrekt, zal het Kinderrechtencollectief dan ook opnieuw een jongere als vicevoorzitter zoeken.

Maar zo ver is het nog niet. Eerst zal Westra onder andere een nieuwe editie van de Kinderrechtendialoog op poten helpen zetten, gecombineerd met een grote consultatie onder kinderen en jongeren. Daarnaast zal hij (op persoonlijke titel) met een andere jongere als lid van de EU-delegatie kinderen en jongeren vertegenwoordigen bij de VN, waarbij hij zijn mening zal geven over een nieuwe VN-resolutie over kinderrechten.

Kan jullie initiatief ‘Kinderrechten in Beweging’ daar misschien bij helpen?

Lars Westra:

Andere Europese landen leggen wetsvoorstellen die kinderen en jongeren raken, verplicht aan hen voor

  • Alle kinderen hebben dezelfde rechten. Sluit geen groepen van de rechten uit, bijvoorbeeld kinderen met een handicap of vluchtelingenkinderen. (artikel 2)

  • Als er meerdere belangen spelen, moet altijd het belang van het kind worden meegewogen, zowel op individueel als op beleidsniveau. (artikel 3)

  • Kinderen hebben recht op leven en ontwikkeling. Houd per ontwikkelingsfase rekening met de behoeften van kinderen en jongeren. (artikel 6)

  • Luister naar kinderen en geef ze de mogelijkheid hun mening te geven. (artikel 12)

De 4 kernartikelen die iedereen moet kennen

Boswinkel: ‘Onze overheid rapporteert maar eens per vijf jaar aan de VN over de kinderrechtensituatie. In de tussentijd gebeurde er weinig. Kinderrechten in Beweging is een jaarlijkse update waarin we aan de hand van data en beleidsveranderingen laten zien hoe ver de Nederlandse overheid is met het opvolgen van de adviezen van het VN-Kinderrechtencomité.

Elk jaar tonen we de stand van zaken aan de hand van tien thema’s, zoals geweld tegen kinderen, participatie, discriminatie, enzovoort. De uitkomsten bespreken we tijdens de Nationale Kinderrechtendialoog met beleidsambtenaren van zeven ministeries, uitvoeringsorganisaties, maatschappelijke organisaties en natuurlijk kinderen en jongeren. Ambtenaren vinden het fijn om te weten: heb ik de ogen nog op de bal?’

Westra: ‘Zo willen we blijven agenderen dat er nog werk aan de winkel is. Nederland moet de adviezen van de VN uitvoeren. We geven voorlichting over kinderrechten, maar houden ambtenaren ook een spiegel voor: hé, dit is wel je huiswerk. Zit je nog op het goede spoor?’

Westra: ‘Hoewel veel organisaties en overheidsinstanties zich bezighouden met kinderparticipatie, weten we onvoldoende over de kwaliteit ervan. En die participatie is niet structureel geborgd zoals in een aantal andere Europese landen, waar wetsvoorstellen die kinderen en jongeren raken, verplicht aan hen moeten worden voorgelegd.’

Boswinkel: ‘Er zijn kinderen die al jaren in de asielnoodopvang zitten, onzeker over hun verblijfsstatus. Ze verblijven soms in grote sporthallen, op een cruiseschip of in een hotel, zonder voorzieningen als speelruimte of onderwijs. Dat zijn geen plekken waar kinderen moeten opgroeien. In plaats van maanden, zitten ze er vaak járen. Kijk ook naar kinderen in de jeugdzorg. Die werd in 2015 gedecentraliseerd omdat er zo veel wachtlijsten waren. Sindsdien zijn de wachtlijsten alleen maar verergerd, en is er méér op de jeugdzorg bezuinigd. Kinderen krijgen niet de zorg waar ze recht op hebben.

En in het onderwijs: er zijn meer thuiszitters dan ooit, mede dankzij “passend onderwijs”. Kinderen met een speciale behoefte kunnen soms nergens terecht.’

Een waarschuwing van het Kinderrechtencollectief weegt zwaar: wanneer alle Nederlandse kinderrechtenorganisaties gezamenlijk alarm slaan, kun je dat niet zomaar negeren. Uiteindelijk ziet Lars Westra de rol van het collectief toch het meest als die van waakhond, waarbij ze aan de bel trekken ‘als iets heel erg misgaat’. Zo wisten ze vorig jaar de politieke en maatschappelijke discussie op gang te brengen over kinderen in de asielnoodopvang. Westra: ‘Mensen gingen zich afvragen: is dit de manier waarop we in dit land met kinderen willen omgaan? Dat leidde tot politieke discussies en meer aandacht voor vluchtelingen in de Tweede Kamer.’

Een ander onderwerp waar verbetering nodig is, is kinder- en jongerenparticipatie. Boswinkel: ‘De VN heeft tegen onze regering gezegd: zorg ervoor dat kinderen méér mogelijkheden krijgen om structureel te participeren. Maar de overheid houdt niet bij wat er gebeurt op dit gebied. Je wilt bijvoorbeeld weten hoeveel kinderburgemeesters er zijn, wat ministeries, gemeenten en provincies doen aan kinderparticipatie.’

Westra: ‘In 2021 hebben we de laatste rapportage aan de VN en de Nederlandse regering ingediend namens meer dan honderd verschillende organisaties. De boodschap was dat er nog werk aan de winkel is. Daar ging een megagrote consultatie met veel kinderrechtenorganisaties aan vooraf. Dan zie je dat er op sommige dossiers geen verbetering optreedt, maar juist een verslechtering. Waar de VN adviseerde om kinderen zo snel mogelijk uit de asielnoodopvang te halen, zien we dat het aantal kinderen hier tussen 2022 en 2024 is verdubbeld. Maar in plaats van dat onze regering zegt: het Kinderrechtencomité van de VN heeft er verstand van, daar gaan we iets mee doen, maken ze het erger.’

Jullie rapporteren aan het VN-Kinderrechtencomité. Wat was jullie laatste boodschap?

Westra: ‘Professionals kunnen hun kennis over kinderrechten op hun beurt aan kinderen doorgeven. Want veel kinderen die dingen meemaken die niet horen te gebeuren, hebben niet door dat dat fout is. Kinderrechten kunnen hen daarvan bewustmaken. Dat kan kinderen kracht geven en het zetje om hulp te zoeken.’

Westra: ‘Veel volwassenen zijn vergeten hoe het was om kind te zijn. Het Kinderrechtenverdrag kan een soort blauwdruk zijn van hoe je met kinderen omgaat, hoe je ze beschermt, laat meedoen en ruimte biedt om zich te ontwikkelen.’

Boswinkel: ‘Professionals die de kinderrechten kennen, beseffen dat ze ook een signalerende functie hebben, bijvoorbeeld als de zorg voor een kind niet goed geregeld is. Eigenlijk zou elke professional de vier kernartikelen van het Kinderrechtenverdrag moeten kennen. En ze moeten vooral in staat zijn om ze in de praktijk vorm te geven. Zodat ze weten dat als ze zien dat de rechten van kinderen niet worden nageleefd, ze iets kunnen doen.’

Waarom is het zo belangrijk dat professionals de kinderrechten kennen?

Brigitte Boswinkel: ‘We krijgen veel vragen, ook van ministeries, organisaties en professionals. Ambtenaren willen bijvoorbeeld weten hoe ze kinderrechten naar beleid kunnen vertalen. Anderen vragen hoe ze kinderrechten in de praktijk kunnen toepassen. Een voorbeeld: mogen een thuisloze moeder en haar kind wegens plaatsgebrek gescheiden opgevangen worden?’ (Het antwoord is: nee. Volgens artikel 9 mag dat alleen als het in het belang van het kind is, red.).

Ondertekenaars van het Kinderrechtenverdrag verplichten zich ertoe om ervoor te zorgen dat iedereen het verdrag ook ként. Met name kinderen, ouders en mensen die met kinderen werken. ‘Begin dit jaar hebben we een peiling uitgevoerd onder een representatieve groep van meer dan duizend kinderen,’ vertelt vicevoorzitter Lars Westra. ‘Daaruit bleek dat 56 procent van hen niet weet dat zij als kinderen eigen rechten hebben. Dus wat betreft voorlichting is er nog veel te doen.’

achtergrond

9 min.

Rob Poortvliet

Annette Wiesman

Brigitte Boswinkel houdt zich als coördinator van het Kinderrechtencollectief bezig met het monitoren van de naleving van het VN-Kinderrechtenverdrag in de Nederlandse wetgeving, het beleid en de praktijk.

Lars Westra probeert sinds zijn 9e volwassenen te overtuigen en te helpen om beter en vaker naar kinderen te luisteren. Sinds 2023 is hij vicevoorzitter van het Kinderrechtencollectief. Hij schreef Het Recht op een Stem (2023).

Brigitte Boswinkel:

‘In plaats van maanden, zitten kinderen vaak járen in de asielopvang’

Jullie adviseren, rapporteren en geven voorlichting. Worden jullie regelmatig gebeld?

Kinderrechten in Nederland: hoe staan we ervoor?

Het Kinderrechtencollectief rapporteert jaarlijks aan de VN over de naleving van kinderrechten in ons land. En het spoort de overheid aan tot concrete stappen. Vicevoorzitter Lars Westra en coördinator Brigitte Boswinkel: ‘Er is nog veel werk aan de winkel.’

van Brigitte Boswinkel

Kijk- en leestips

  • ‘Het boek Komt een land bij de dokter van straatarts Van Tongerloo gaat over echte mensen en de manier waarop beleid hen beïnvloedt. Over de participatiemaatschappij, marktwerking en concurrentie. En het belang van die ene vraag: wat heb je nodig?’

  • Alicia is een documentaire over een meisje dat een jaar oud is als ze uit huis wordt geplaatst. Van filmmaker Maasja Ooms.’ Te zien op NPO Doc.

van Lars Westra

Kijktip

Tegen betaling te zien op o. a. Pathé Thuis en Apple TV.

Ontroerend en hoopgevend. Deze film is een echte inspiratiebron voor mij geweest.’

Bigger Than Us van regisseur Flore Vasseur is een prachtige documentaire van een meisje dat op zoek gaat naar kinderen en jongeren die een verschil maken in de samenleving.

Deel dit artikel:

Het belang van het kind moet altijd vooropstaan als er besluiten worden genomen die kinderen raken. Maar dat kan in de praktijk best moeilijk zijn. Dus hoe je dit het beste? De Kinderombudsman heeft dit handige stappenplan voor professionals ontworpen.

Het belang van het kind

Hoe kijken jongeren in Nederland eigenlijk naar kinderrechten? Onderzoek van de State of Youth laat zien dat de meerderheid van de jongeren geen kennis heeft over hun rechten. Ook vinden jongeren dat er nog te weinig geluisterd wordt naar hun mening. Op het gebied van mentaal welzijn, gelijke kansen, jeugdstrafrecht en jeugdzorg is er volgens jongeren nog veel te verbeteren.

State of Youth

Artikel 43 - Comité voor de Rechten van het Kind
Dit comité ziet wereldwijd toe op de naleving van kinderrechten en beoordeelt hoe landen hun verplichtingen uitvoeren.

Artikel 44 - Rapportageverplichting
Staten die het verdrag hebben ondertekend, moeten om de vijf jaar rapporteren over hoe zij kinderrechten waarborgen en verbeteren.

Artikel 45 - Gespecialiseerde organisaties
Het comité mag advies vragen aan jongeren en organisaties die voor en met kinderen en jongeren werken. In Nederland verzorgt het Kinderrechtencollectief de rapportages namens de kinderrechtenorganisaties.

Kinderrechten zijn vastgelegd in het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK). Elk artikel benoemt een specifiek recht of een verplichting voor landen die het verdrag hebben ondertekend. Hieronder lichten we de rechten toe die in dit artikel het meest relevant zijn.

Kinderrechten die passen bij dit artikel

Het Kinderrechtenverdrag bevat 54 artikelen, die we kunnen onderverdelen in dertien overkoepelende thema’s:

Kinderrechten thema's

van Brigitte Boswinkel

Kijk- en leestips

  • ‘Het boek Komt een land bij de dokter van straatarts Van Tongerloo gaat over echte mensen en de manier waarop beleid hen beïnvloedt. Over de participatiemaatschappij, marktwerking en concurrentie. En het belang van die ene vraag: wat heb je nodig?’

  • Alicia is een documentaire over een meisje dat een jaar oud is als ze uit huis wordt geplaatst. Van filmmaker Maasja Ooms.’ Te zien op NPO Doc.

van Lars Westra

Kijktip

Tegen betaling te zien op o. a. Pathé Thuis en Apple TV.

Ontroerend en hoopgevend. Deze film is een echte inspiratiebron voor mij geweest.’

Bigger Than Us van regisseur Flore Vasseur is een prachtige documentaire van een meisje dat op zoek gaat naar kinderen en jongeren die een verschil maken in de samenleving.

Westra: ‘Luister naar kinderen en jongeren. Zie ze als gelijkwaardige gesprekspartner en waardeer hun mening. Ga jezelf als professional niet boven hen stellen. Denk niet: omdat ik een opleiding hebt gedaan en allemaal handboeken heb gelezen, weet ik wat goed is voor dat kind. Ik denk dat we kinderen nog heel erg onderschatten en dat zij vaak héél goed zelf weten wat goed voor ze is.’

Heb je nog een laatste tip voor professionals?

Westra: ‘Toen de vacature voor voorzitter van het Kinderrechtencollectief online kwam, vroeg ik of daar een leeftijdsgrens aan zat. Ik was toen 15 en al een tijdje actief in de kinderrechten. Ze vonden het wel een beetje spannend om daar een kind voor in te zetten. Toen is de functie van vicevoorzitter in het leven geroepen.’

Dat pakte goed uit, vinden beiden. Als jongere kan Westra een brug slaan tussen jongeren en kinderrechtenorganisaties, en hij kijkt met een frisse blik naar routines. Als hij september volgend jaar vertrekt, zal het Kinderrechtencollectief dan ook opnieuw een jongere als vicevoorzitter zoeken.

Maar zo ver is het nog niet. Eerst zal Westra onder andere een nieuwe editie van de Kinderrechtendialoog op poten helpen zetten, gecombineerd met een grote consultatie onder kinderen en jongeren. Daarnaast zal hij (op persoonlijke titel) met een andere jongere als lid van de EU-delegatie kinderen en jongeren vertegenwoordigen bij de VN, waarbij hij zijn mening zal geven over een nieuwe VN-resolutie over kinderrechten.

Lars, jij bent 18 jaar. Wat is de toegevoegde waarde van zo’n jonge vicevoorzitter?

Boswinkel: ‘Onze overheid rapporteert maar eens per vijf jaar aan de VN over de kinderrechtensituatie. In de tussentijd gebeurde er weinig. Kinderrechten in Beweging is een jaarlijkse update waarin we aan de hand van data en beleidsveranderingen laten zien hoe ver de Nederlandse overheid is met het opvolgen van de adviezen van het VN-Kinderrechtencomité.

Elk jaar tonen we de stand van zaken aan de hand van tien thema’s, zoals geweld tegen kinderen, participatie, discriminatie, enzovoort. De uitkomsten bespreken we tijdens de Nationale Kinderrechtendialoog met beleidsambtenaren van zeven ministeries, uitvoeringsorganisaties, maatschappelijke organisaties en natuurlijk kinderen en jongeren. Ambtenaren vinden het fijn om te weten: heb ik de ogen nog op de bal?’

Westra: ‘Zo willen we blijven agenderen dat er nog werk aan de winkel is. Nederland moet de adviezen van de VN uitvoeren. We geven voorlichting over kinderrechten, maar houden ambtenaren ook een spiegel voor: hé, dit is wel je huiswerk. Zit je nog op het goede spoor?’

Kan jullie initiatief ‘Kinderrechten in Beweging’ daar misschien bij helpen?

Westra: ‘Hoewel veel organisaties en overheidsinstanties zich bezighouden met kinderparticipatie, weten we onvoldoende over de kwaliteit ervan. En die participatie is niet structureel geborgd zoals in een aantal andere Europese landen, waar wetsvoorstellen die kinderen en jongeren raken, verplicht aan hen moeten worden voorgelegd.’

Lars Westra:

Andere Europese landen leggen wetsvoorstellen die kinderen en jongeren raken, verplicht aan hen voor

Boswinkel: ‘Er zijn kinderen die al jaren in de asielnoodopvang zitten, onzeker over hun verblijfsstatus. Ze verblijven soms in grote sporthallen, op een cruiseschip of in een hotel, zonder voorzieningen als speelruimte of onderwijs. Dat zijn geen plekken waar kinderen moeten opgroeien. In plaats van maanden, zitten ze er vaak járen. Kijk ook naar kinderen in de jeugdzorg. Die werd in 2015 gedecentraliseerd omdat er zo veel wachtlijsten waren. Sindsdien zijn de wachtlijsten alleen maar verergerd, en is er méér op de jeugdzorg bezuinigd. Kinderen krijgen niet de zorg waar ze recht op hebben.

En in het onderwijs: er zijn meer thuiszitters dan ooit, mede dankzij “passend onderwijs”. Kinderen met een speciale behoefte kunnen soms nergens terecht.’

Een waarschuwing van het Kinderrechtencollectief weegt zwaar: wanneer alle Nederlandse kinderrechtenorganisaties gezamenlijk alarm slaan, kun je dat niet zomaar negeren. Uiteindelijk ziet Lars Westra de rol van het collectief toch het meest als die van waakhond, waarbij ze aan de bel trekken ‘als iets heel erg misgaat’. Zo wisten ze vorig jaar de politieke en maatschappelijke discussie op gang te brengen over kinderen in de asielnoodopvang. Westra: ‘Mensen gingen zich afvragen: is dit de manier waarop we in dit land met kinderen willen omgaan? Dat leidde tot politieke discussies en meer aandacht voor vluchtelingen in de Tweede Kamer.’

Een ander onderwerp waar verbetering nodig is, is kinder- en jongerenparticipatie. Boswinkel: ‘De VN heeft tegen onze regering gezegd: zorg ervoor dat kinderen méér mogelijkheden krijgen om structureel te participeren. Maar de overheid houdt niet bij wat er gebeurt op dit gebied. Je wilt bijvoorbeeld weten hoeveel kinderburgemeesters er zijn, wat ministeries, gemeenten en provincies doen aan kinderparticipatie.’

Brigitte Boswinkel:

‘In plaats van maanden, zitten kinderen vaak járen in de asielopvang’

Westra: ‘In 2021 hebben we de laatste rapportage aan de VN en de Nederlandse regering ingediend namens meer dan honderd verschillende organisaties. De boodschap was dat er nog werk aan de winkel is. Daar ging een megagrote consultatie met veel kinderrechtenorganisaties aan vooraf. Dan zie je dat er op sommige dossiers geen verbetering optreedt, maar juist een verslechtering. Waar de VN adviseerde om kinderen zo snel mogelijk uit de asielnoodopvang te halen, zien we dat het aantal kinderen hier tussen 2022 en 2024 is verdubbeld. Maar in plaats van dat onze regering zegt: het Kinderrechtencomité van de VN heeft er verstand van, daar gaan we iets mee doen, maken ze het erger.’

Jullie rapporteren aan het VN-Kinderrechtencomité. Wat was jullie laatste boodschap?

  • Alle kinderen hebben dezelfde rechten. Sluit geen groepen van de rechten uit, bijvoorbeeld kinderen met een handicap of vluchtelingenkinderen. (artikel 2)

  • Als er meerdere belangen spelen, moet altijd het belang van het kind worden meegewogen, zowel op individueel als op beleidsniveau. (artikel 3)

  • Kinderen hebben recht op leven en ontwikkeling. Houd per ontwikkelingsfase rekening met de behoeften van kinderen en jongeren. (artikel 6)

  • Luister naar kinderen en geef ze de mogelijkheid hun mening te geven. (artikel 12)

De 4 kernartikelen die iedereen moet kennen

Westra: ‘Professionals kunnen hun kennis over kinderrechten op hun beurt aan kinderen doorgeven. Want veel kinderen die dingen meemaken die niet horen te gebeuren, hebben niet door dat dat fout is. Kinderrechten kunnen hen daarvan bewustmaken. Dat kan kinderen kracht geven en het zetje om hulp te zoeken.’

Westra: ‘Veel volwassenen zijn vergeten hoe het was om kind te zijn. Het Kinderrechtenverdrag kan een soort blauwdruk zijn van hoe je met kinderen omgaat, hoe je ze beschermt, laat meedoen en ruimte biedt om zich te ontwikkelen.’

Boswinkel: ‘Professionals die de kinderrechten kennen, beseffen dat ze ook een signalerende functie hebben, bijvoorbeeld als de zorg voor een kind niet goed geregeld is. Eigenlijk zou elke professional de vier kernartikelen van het Kinderrechtenverdrag moeten kennen. En ze moeten vooral in staat zijn om ze in de praktijk vorm te geven. Zodat ze weten dat als ze zien dat de rechten van kinderen niet worden nageleefd, ze iets kunnen doen.’

Waarom is het zo belangrijk dat professionals de kinderrechten kennen?

Brigitte Boswinkel: ‘We krijgen veel vragen, ook van ministeries, organisaties en professionals. Ambtenaren willen bijvoorbeeld weten hoe ze kinderrechten naar beleid kunnen vertalen. Anderen vragen hoe ze kinderrechten in de praktijk kunnen toepassen. Een voorbeeld: mogen een thuisloze moeder en haar kind wegens plaatsgebrek gescheiden opgevangen worden?’ (Het antwoord is: nee. Volgens artikel 9 mag dat alleen als het in het belang van het kind is, red.).

Ondertekenaars van het Kinderrechtenverdrag verplichten zich ertoe om ervoor te zorgen dat iedereen het verdrag ook ként. Met name kinderen, ouders en mensen die met kinderen werken. ‘Begin dit jaar hebben we een peiling uitgevoerd onder een representatieve groep van meer dan duizend kinderen,’ vertelt vicevoorzitter Lars Westra. ‘Daaruit bleek dat 56 procent van hen niet weet dat zij als kinderen eigen rechten hebben. Dus wat betreft voorlichting is er nog veel te doen.’

Brigitte Boswinkel houdt zich als coördinator van het Kinderrechtencollectief bezig met het monitoren van de naleving van het VN-Kinderrechtenverdrag in de Nederlandse wetgeving, het beleid en de praktijk.

Lars Westra probeert sinds zijn 9e volwassenen te overtuigen en te helpen om beter en vaker naar kinderen te luisteren. Sinds 2023 is hij vicevoorzitter van het Kinderrechtencollectief. Hij schreef Het Recht op een Stem (2023).

Jullie adviseren, rapporteren en geven voorlichting. Worden jullie regelmatig gebeld?

achtergrond

9 min.

Rob Poortvliet

Annette Wiesman

Kinderrechten in Nederland: hoe staan we ervoor?

Het Kinderrechtencollectief rapporteert jaarlijks aan de VN over de naleving van kinderrechten in ons land. En het spoort de overheid aan tot concrete stappen. Vicevoorzitter Lars Westra en coördinator Brigitte Boswinkel: ‘Er is nog veel werk aan de winkel.’

Augeo Magazine: Hét online tijdschrift over veilig opgroeien

Professionals en beleidsmakers bijpraten over de nieuwste ontwikkelingen, onderzoeken, dilemma’s en besluiten rond de veiligheid van kinderen. Dat doet Augeo Foundation al 15 jaar met onder andere e-learnings, bijeenkomsten en Augeo Magazine. Ons magazine verschijnt 5x per jaar. Meld je aan om gratis abonnee te worden.
Volledig scherm