Auteur: Mariëlle van Bussel  |  Leestijd: 9 minuten

Hoe maak je gendergerelateerde verhoudingen en rollen onderwerp van gesprek bij gezinnen waar huiselijk geweld speelt? Systeemtherapeut Gijs Simons en Kristine Evertz van de Blijf Groep adviseren over wat te doen – en wat juist niet.

Zo krijg je machtsongelijkheid en rolpatronen boven tafel

DO'S EN DON'TS

Simons: ‘Ik zeg altijd “eerst connectie, dan correctie”. Voordat ik inzoom op het geweld zelf, wil ik de individuele verhalen horen. Connectie is van wezenlijk belang om überhaupt antwoord te krijgen op vragen die meer duidelijkheid geven over het ontstaan en voortbestaan van het geweld. Door vervolgens uit te zoomen naar bijvoorbeeld de achtergrond van de partners krijg je verhalen die aanleiding kunnen zijn om de verschillen tussen beiden te bespreken. 

Doordat er vaak veel schaamte en schuld spelen rondom huiselijk geweld, is het voor veel hulpverleners een lastige opgave om alles boven water te krijgen. Je moet vertragen om later te kunnen versnellen. Al is dat natuurlijk lastig in gevallen van directe onveiligheid waar snel gehandeld moet worden.’ 

Simons: ‘Als je maar door één lens kijkt, raakt de complexiteit van het gezin uit het vizier’

Dit soort zaken zijn op de achtergrond van belang bij gendersensitief werken. Het zijn de verwachtingen vanuit de maatschappij die een rol spelen in de verhoudingen binnen een relatie. Als man word je nog steeds opgevoed om kostwinner te worden, zodat je voor je gezin kunt zorgen. Mannen leren ook om een conflict op te lossen door agressie te gebruiken in plaats van emoties te tonen. Met elkaar hebben we díe verwachtingen gecreëerd en vervolgens geïnternaliseerd.’

Simons: ‘Culturele overtuigingen van jezelf, maar ook van cliënten en van de maatschappij, klinken door in hoe je werkt. Dan doel ik op de normen en waarden die betrekking hebben op het welzijn van íedereen. Daar kun je over in gesprek gaan. Hoe zien zij dat? Hoe kijk je als niet-westerse man aan tegen de manier waarop er in de westerse wereld geacht wordt met vrouwen om te gaan? En hoe kijkt zijn partner daar tegenaan? En wat is het effect op kinderen? Of, hoe kijk je vanuit het traditionele kostwinnerpatroon aan tegen de rol van de vrouw?

Zo behandelde ik een Nederlands stel waarvan de man vond dat zijn vrouw beter thuis kon blijven bij de kinderen. Die overtuiging wilde hij zijn kinderen meegeven. Zijn eigen vrouw was afhankelijk van hem, maar wilde het voor de kinderen anders. Hoe meer de moeder het anders wilde doen voor de kinderen, hoe sterker de vader zíjn overtuiging neerzette. Er ontstond een actie-reactie patroon, waardoor de risicofactoren voor ruzie en geweld vergroot werden. Dergelijke patronen kunnen zeer dwingend worden en dus moet er aandacht voor zijn.’

Evertz: ‘Ongelijkheid is niet alleen een onderwerp in relaties, maar ook in de maatschappij. De ongelijkheid zit bijvoorbeeld in salarissen en in het aandeel van vrouwen in verschillende sectoren. In Nederland is het anderhalf kostverdienersmodel standaard, ook dat brengt ongelijkheid met zich mee.

Op individueel niveau kijk je naar zelfbeeld en verwachtingen. Welke verwachtingen heb je van jezelf  als het gaat om de rollen en taken die je moet uitvoeren in het gezin? Passen die bij je zelfbeeld? Slaag je erin om die taken met voldoening te vervullen? Naar aanleiding van de publicatie Kwestie van lange adem van lange adem (2020) van het Verwey-Jonker Instituut heeft Augeo een lijst gemaakt van de vragen waar tijdens een analyse aandacht aan besteed zou moeten worden. Hieronder vallen ook vragen over het sociaal netwerk, middelengebruik en traumaklachten bij ouder en kind. Een genogram helpt om zaken als religie en cultuur mee te nemen.’

Evertz: ‘Ook in de vrouwenopvang proberen we op tafel te krijgen hoe de relatiedynamiek is, in hoeverre er sprake is van afhankelijkheid en controle. We pluizen uit hoe het zit met de normen, waarden en verwachtingen naar elkaar toe. Vragen die we stellen zijn: hoeveel ruimte heb je om zelf beslissingen te nemen over aankopen? Over de plannen voor het weekend? Ben je vrij om af te spreken met wie je wilt? Is er sprake van dwang in de seksuele relatie? Ben je bang? Zijn je kinderen bang? Zijn er ook goede momenten? Wat is er dan anders? Wie pleegt welk geweld op welk moment?

Toen we samen een genogram hadden getekend, zagen we dat in het gezin van herkomst van de man ook veel machtsongelijkheid tussen zijn ouders bestond. Tijdens de behandeling bleek dat deze man het huidige geweld helemaal niet had gewild, maar dat hij erin terechtgekomen was. Hij wist niet beter. 

Als we in dit voorbeeld gender niet hadden meegenomen, hadden we de ernst van het geweld niet goed in beeld gehad. Juist omdat we weten dat rolpatronen, verwachtingen van elkaar en intergenerationele overdracht grote risicofactoren zijn voor huiselijk geweld. En door te focussen op gender hebben we de hulpverlening kunnen aanpassen, door óók aandacht te besteden aan bewustwording van machtsongelijkheid en controle. Op die manier hebben we van directe veiligheid kunnen toewerken naar stabiele veiligheid op de langere termijn.’

Simons: ‘Om gendergerelateerde onderwerpen als macht, controle en ongelijkheid op tafel te krijgen, is het in kaart brengen van de achtergrond van de partners belangrijk. Het genogram is een mooie tool om meerdere generaties in beeld te krijgen. Vragen die aan bod kunnen komen zijn: welke opvatting heb je over man-zijn? Hoe was de rolverdeling in het gezin van herkomst? Hoe dacht je vader over vrouwen? En hoe stond je moeder in het leven? Je grootouders? Welke rol speelt het geloof hierin? Of de cultuur? Door uit te zoomen naar de achtergrond, kun je daarna makkelijker inzoomen op de relatiedynamiek.

Ik behandelde een gezin waarin de Marokkaanse man fors geweld gebruikte en zijn Nederlandse vrouw afhankelijk was van hem. De man vond vanuit zijn perspectief en culturele achtergrond dat machtsongelijkheid normaal was, hij was tenslotte de man. De vrouw was zelf in haar jeugd mishandeld en misbruikt, en was in een patroon terechtgekomen waar steeds iemand over haar grenzen heen ging.

Te vaak wordt er ingezoomd op het symptoom, het geweld dus, zonder goed te kijken waaróm het in het gezin loopt zoals het loopt. Als je maar door één lens kijkt, raakt de complexiteit van het gezin uit het vizier. Want wat je niet ziet, ís er niet. Dat is levensgevaarlijk en daarom zien we nog steeds veel herhaling van geweld.’ 

Evertz: ‘Gender is een allesomvattend begrip, er valt heel veel onder, en daardoor wordt het ook hol en ongrijpbaar. Het risico daarvan is dat organisaties denken dat ze gendersensitief werken, maar dat eigenlijk helemaal niet doen. In de vrouwenopvang hebben we onlangs een intern toetsingsinstrument ontwikkeld om de kijken hoe gendersensitief wij daadwerkelijk werken. En ook wij hebben nog een paar stappen te zetten.’

Simons: ‘In gezinnen waar huiselijk geweld voorkomt, spelen veel verschillende factoren een rol. Het is dan te simpel om alleen naar gender te kijken. Het is essentieel dat je het gedrag in een bredere context plaatst. Zelf gebruik ik daar vaak het biopsychosociaal model voor, waarbij gedrag verklaard wordt door biologische, maar ook psychologische en sociale factoren. 

Je kijkt dan naar verschillende systeemniveaus: biologie, mens, cultuur, maatschappij, gezin, en partnerrelatie. Het is van belang dat je met een groothoeklens kunt uitzoomen naar de rol van maatschappij en cultuur en dat je met een telelens kunt inzoomen op de individuele aspecten. Het wisselen van lenzen leidt tot een rijker en dynamischer beeld van een gezin, waardoor je de veiligheidsrisico’s beter kunt inschatten.

Creëer een visie met je team

DOEN

Werk oplossingsgericht

DOEN

Gijs Simons

Werkt als zelfstandig systeemtherapeut. Daarnaast verzorgt hij trainingen op het gebied van systemisch werken, ook in relatie tot kindermishandeling en huiselijk geweld. Eerder werkte hij onder meer bij Veilig Thuis en de Poli ADHD & Partnergeweld.

Evertz: ‘Wees alert op hoe verschillend meisjes en jongens worden opgevoed’

Oordelen en veroordelen

NIET DOEN

Systemisch werken

DOEN

Simons: ‘Als professional heb je je eigen waarden en normen. Wees je daar bewust van. Ook in je team of organisatie is het belangrijk om de begrippen rondom gendersensitief werken te bespreken, zodat iedereen het over hetzelfde heeft. “Gender” en “sekse” worden bijvoorbeeld nog vaak door elkaar gehaald. Daarbij is het belangrijk dat je als team één visie creëert op gender, anders loop je het risico gefragmenteerd te gaan werken.’

Evertz: ‘Praat met je collega’s over hoe jullie zelf in dit onderwerp staan. Wat zijn je verborgen aannames? Je blinde vlekken?’

Simons: ‘Soms zijn de zorgen die over een gezin leven, zoals geweld, het enige wat nog gezien wordt. Zo vernauw je het probleem, en gaan de zorgen domineren, bijvoorbeeld het genderaspect. Het is dan veel effectiever om je ook te richten op wat gezinnen vooruit kan helpen. 

Stel vragen over hun wensen en over de toekomst die ze voor ogen hebben. Welke waarden zijn hieraan verbonden? Is er een gemeenschappelijk doel waar ze aan willen werken? Ik zeg vaak: je moet beginnen bij het eindpunt. Dit geeft houvast, rust en focus. Vervolgens kijk je welke zaken de weg naar dat eindpunt blokkeren. Door deze obstakels los van de personen te koppelen, voelen zij zich minder beschuldigd. Daarna onderzoeken we samen welke steunbronnen hen hierbij kunnen helpen. Hierbij is het betrekken van het informele netwerk ontzettend belangrijk.’

Evertz: ‘Oplossingsgericht werken is met de cliënt kijken naar oplossingsrichtingen die passen in zijn leven. Als je de cliënt écht hebt leren kennen vanuit het perspectief van het individu, het systeem, het gezin en de gemeenschap, dan is te verwachten dat de gekozen stappen aansluiten bij de cliënt. 

De valkuil is hier wel dat oplossingsgericht werken uitgaat van een bepaalde mate van vrije keuze. In situaties waar geweld speelt hoeft dit niet zo te zijn. De gendersensitieve en vooral systeemgerichte benadering zullen dan helpen om zicht te krijgen op de mogelijkheden die passen bij de cliënt en de directe omgeving.’

Vanuit systeemgericht werken hebben we ook veel aandacht voor de behoeften van kinderen. Het is van belang om alert te zijn op hoe verschillend meisjes en jongens worden opgevoed en wat voor effecten dat heeft op hun gedrag en omgang met gevoelens. Kinderen voelen namelijk haarfijn de rolverwachtingen aan. 

In de opvangcentra is gendersensitiviteit dan ook opgenomen in het pedagogisch leefklimaat, waarbij we ons bewust zijn van de benadering van jongens en meisjes wat betreft veiligheid en emotionele ondersteuning, autonomie en ruimte, structuur en grenzen, maar ook als het gaat om het aanbod van spelmateriaal.’

Simons: ‘Systemisch werken houdt in dat individuele eigenschappen van een persoon betekenis krijgen in de context van een relatie. Gender is zo’n individuele eigenschap waar je oog voor moet hebben. Zo kan het helpend zijn om cliënten psycho-educatie te geven over genderverschillen. Bijvoorbeeld door uit te leggen dat mannen fysiek gezien minder van vrouwen te vrezen hebben. Voor een man kan het daardoor moeilijker voor te stellen zijn dat zijn partner angstig kan zijn voor geweld dat mogelijk komt. Andersom kunnen vrouwen zich vaak verbaal sterker uitdrukken. Ze kunnen mannen hiermee figuurlijk in een hoek zetten wat weer kan leiden tot fysiek geweld. Als je dit uitlegt, kan het stellen helpen om meer verantwoordelijkheid te nemen en begrip te krijgen voor elkaars beleving.’

Evertz: ‘Sterk Huis, een hulpverleningsorganisatie gespecialiseerd in huiselijk geweld en seksueel misbruik, werkt al een tijdje met het instrument MASIC, Mediator’s Assessment of Safety Issues and Concerns waarmee we een gestructureerd onderzoek uitvoeren naar partnergeweld. Doordat beide partners apart uitgebreid worden geïnterviewd, ontstaat er een scherp beeld van de dynamiek van geweld. Het is erg goed bruikbaar in systeemgerichte interventies, waarbij beide partners worden betrokken in het hulpproces. 

Evertz: ‘Ook al is er sprake van een ongelijke machtsverdeling, of een kostwinner/opvoeder-model, oordeel er niet over. Het is prima als mensen daar hun eigen invulling aan geven, mits ze er overeenstemming over hebben, het besluit gelijkwaardig is genomen en niet tot onveiligheid leidt. Sluit je ogen niet voor geweld dat door vrouwen wordt aangericht, of geweld waar zij een grote rol in spelen. Durf ook te zien waar vrouwen macht hebben, bijvoorbeeld als het gaat over de kinderen en hoe zij deze inzetten.’

Evertz: ‘Sluit je ogen niet voor geweld dat door vrouwen wordt aangericht, of geweld waar zij een grote rol in spelen’

Simons: ‘Wees voorzichtig bij het spreken in termen van dader en slachtoffer, ga niet op zoek naar een schuldige, veroordeel niemand en stuur niet aan op een relatiebreuk. Als je de relatie als onveilig inschat en ook geen mogelijkheden meer ziet om de veiligheid te herstellen, dan kun je dit perspectief naast dat van de partners zetten en je zorgen uitspreken. Geef ook de grenzen aan voor wat dit betekent voor de hulpverlening, bijvoorbeeld door alleen nog individuele gesprekken te voeren of interventies in te zetten om de directe veiligheid te borgen.’  

Evertz: ‘Mannen leren om een conflict op te lossen door agressie te gebruiken in plaats van emoties te tonen’

Kristine Evertz

Is projectmanager Innovatie & Ontwikkeling bij Blijf Groep. Ook is ze bestuurslid van de European Women’s Lobby, een netwerk van vrouwenorganisaties in de Europese Unie, bedoeld om vrouwenrechten en gelijkheid van vrouwen en mannen te bevorderen.

Naar aanleiding van het onderzoek Kwestie van lange adem (Verwey-Jonker Instituut 2020) is de Gesprekshandreiking ontwikkeld. Deze helpt professionals en beleidsmakers met elkaar in gesprek te gaan over 5 thema’s en verdere stappen te ondernemen. Naast thema’s als Geweld en verwaarlozing in kaart brengen en Focus op kinderen is ook het thema Aandacht voor genderverschillen (video) opgenomen.

Gesprek over aandacht van genderverschillen

de rol van de maatschappij negeren

NIET DOEN

Evertz: ‘In een genogram neem je zaken als religie en cultuur mee’

Simons: ‘Als je gender niet meeneemt, kun je de ernst van het geweld soms niet goed in beeld brengen’

Vraag naar rolpatronen en verwachtingen

DOEN

Maak écht contact met de gezinsleden

DOEN

Alleen inzoomen op het geweld

NIET DOEN

Zo krijg je machtsongelijkheid en rolpatronen boven tafel

Hoe maak je gendergerelateerde verhoudingen en rollen onderwerp van gesprek bij gezinnen waar huiselijk geweld speelt? Systeemtherapeut Gijs Simons en Kristine Evertz van de Blijf Groep adviseren over wat te doen – en wat juist niet.

Auteur: Mariëlle van Bussel  |  Leestijd: 9 minuten

DO'S EN DON'TS

Simons: ‘Als professional heb je je eigen waarden en normen. Wees je daar bewust van. Ook in je team of organisatie is het belangrijk om de begrippen rondom gendersensitief werken te bespreken, zodat iedereen het over hetzelfde heeft. “Gender” en “sekse” worden bijvoorbeeld nog vaak door elkaar gehaald. Daarbij is het belangrijk dat je als team één visie creëert op gender, anders loop je het risico gefragmenteerd te gaan werken.’

Evertz: ‘Praat met je collega’s over hoe jullie zelf in dit onderwerp staan. Wat zijn je verborgen aannames? Je blinde vlekken?’

Maak écht contact met de gezinsleden

DOEN

Evertz: ‘Ongelijkheid is niet alleen een onderwerp in relaties, maar ook in de maatschappij. De ongelijkheid zit bijvoorbeeld in salarissen en in het aandeel van vrouwen in verschillende sectoren. In Nederland is het anderhalf kostverdienersmodel standaard, ook dat brengt ongelijkheid met zich mee.

Toen we samen een genogram hadden getekend, zagen we dat in het gezin van herkomst van de man ook veel machtsongelijkheid tussen zijn ouders bestond. Tijdens de behandeling bleek dat deze man het huidige geweld helemaal niet had gewild, maar dat hij erin terechtgekomen was. Hij wist niet beter. 

Als we in dit voorbeeld gender niet hadden meegenomen, hadden we de ernst van het geweld niet goed in beeld gehad. Juist omdat we weten dat rolpatronen, verwachtingen van elkaar en intergenerationele overdracht grote risicofactoren zijn voor huiselijk geweld. En door te focussen op gender hebben we de hulpverlening kunnen aanpassen, door óók aandacht te besteden aan bewustwording van machtsongelijkheid en controle. Op die manier hebben we van directe veiligheid kunnen toewerken naar stabiele veiligheid op de langere termijn.’

Simons: ‘Als je gender niet meeneemt, kun je de ernst van het geweld soms niet goed in beeld brengen’

Simons: ‘Om gendergerelateerde onderwerpen als macht, controle en ongelijkheid op tafel te krijgen, is het in kaart brengen van de achtergrond van de partners belangrijk. Het genogram is een mooie tool om meerdere generaties in beeld te krijgen. Vragen die aan bod kunnen komen zijn: welke opvatting heb je over man-zijn? Hoe was de rolverdeling in het gezin van herkomst? Hoe dacht je vader over vrouwen? En hoe stond je moeder in het leven? Je grootouders? Welke rol speelt het geloof hierin? Of de cultuur? Door uit te zoomen naar de achtergrond, kun je daarna makkelijker inzoomen op de relatiedynamiek.

Ik behandelde een gezin waarin de Marokkaanse man fors geweld gebruikte en zijn Nederlandse vrouw afhankelijk was van hem. De man vond vanuit zijn perspectief en culturele achtergrond dat machtsongelijkheid normaal was, hij was tenslotte de man. De vrouw was zelf in haar jeugd mishandeld en misbruikt, en was in een patroon terechtgekomen waar steeds iemand over haar grenzen heen ging.

Vraag naar rolpatronen en verwachtingen

DOEN

Simons: ‘Ik zeg altijd “eerst connectie, dan correctie”. Voordat ik inzoom op het geweld zelf, wil ik de individuele verhalen horen. Connectie is van wezenlijk belang om überhaupt antwoord te krijgen op vragen die meer duidelijkheid geven over het ontstaan en voortbestaan van het geweld. Door vervolgens uit te zoomen naar bijvoorbeeld de achtergrond van de partners krijg je verhalen die aanleiding kunnen zijn om de verschillen tussen beiden te bespreken. 

Doordat er vaak veel schaamte en schuld spelen rondom huiselijk geweld, is het voor veel hulpverleners een lastige opgave om alles boven water te krijgen. Je moet vertragen om later te kunnen versnellen. Al is dat natuurlijk lastig in gevallen van directe onveiligheid waar snel gehandeld moet worden.’ 

Op individueel niveau kijk je naar zelfbeeld en verwachtingen. Welke verwachtingen heb je van jezelf  als het gaat om de rollen en taken die je moet uitvoeren in het gezin? Passen die bij je zelfbeeld? Slaag je erin om die taken met voldoening te vervullen? Naar aanleiding van de publicatie Kwestie van lange adem van lange adem (2020) van het Verwey-Jonker Instituut heeft Augeo een lijst gemaakt van de vragen waar tijdens een analyse aandacht aan besteed zou moeten worden. Hieronder vallen ook vragen over het sociaal netwerk, middelengebruik en traumaklachten bij ouder en kind. Een genogram helpt om zaken als religie en cultuur mee te nemen.’

Te vaak wordt er ingezoomd op het symptoom, het geweld dus, zonder goed te kijken waaróm het in het gezin loopt zoals het loopt. Als je maar door één lens kijkt, raakt de complexiteit van het gezin uit het vizier. Want wat je niet ziet, ís er niet. Dat is levensgevaarlijk en daarom zien we nog steeds veel herhaling van geweld.’ 

Evertz: ‘Gender is een allesomvattend begrip, er valt heel veel onder, en daardoor wordt het ook hol en ongrijpbaar. Het risico daarvan is dat organisaties denken dat ze gendersensitief werken, maar dat eigenlijk helemaal niet doen. In de vrouwenopvang hebben we onlangs een intern toetsingsinstrument ontwikkeld om de kijken hoe gendersensitief wij daadwerkelijk werken. En ook wij hebben nog een paar stappen te zetten.’

Simons: ‘Als je maar door één lens kijkt, raakt de complexiteit van het gezin uit het vizier’

Simons: ‘In gezinnen waar huiselijk geweld voorkomt, spelen veel verschillende factoren een rol. Het is dan te simpel om alleen naar gender te kijken. Het is essentieel dat je het gedrag in een bredere context plaatst. Zelf gebruik ik daar vaak het biopsychosociaal model voor, waarbij gedrag verklaard wordt door biologische, maar ook psychologische en sociale factoren. 

Je kijkt dan naar verschillende systeemniveaus: biologie, mens, cultuur, maatschappij, gezin, en partnerrelatie. Het is van belang dat je met een groothoeklens kunt uitzoomen naar de rol van maatschappij en cultuur en dat je met een telelens kunt inzoomen op de individuele aspecten. Het wisselen van lenzen leidt tot een rijker en dynamischer beeld van een gezin, waardoor je de veiligheidsrisico’s beter kunt inschatten.

Alleen inzoomen op het geweld

NIET DOEN

Kristine Evertz

Is projectmanager Innovatie & Ontwikkeling bij Blijf Groep. Ook is ze bestuurslid van de European Women’s Lobby, een netwerk van vrouwenorganisaties in de Europese Unie, bedoeld om vrouwenrechten en gelijkheid van vrouwen en mannen te bevorderen.

Gijs Simons

Werkt als zelfstandig systeemtherapeut. Daarnaast verzorgt hij trainingen op het gebied van systemisch werken, ook in relatie tot kindermishandeling en huiselijk geweld. Eerder werkte hij onder meer bij Veilig Thuis en de Poli ADHD & Partnergeweld.

Evertz: ‘In een genogram neem je zaken als religie en cultuur mee’

Naar aanleiding van het onderzoek Kwestie van lange adem (Verwey-Jonker Instituut 2020) is de Gesprekshandreiking ontwikkeld. Deze helpt professionals en beleidsmakers met elkaar in gesprek te gaan over 5 thema’s en verdere stappen te ondernemen. Naast thema’s als Geweld en verwaarlozing in kaart brengen en Focus op kinderen is ook het thema Aandacht voor genderverschillen (video) opgenomen.

Gesprek over aandacht van genderverschillen

Creëer een visie met je team

DOEN

Systemisch werken

DOEN

Simons: ‘Soms zijn de zorgen die over een gezin leven, zoals geweld, het enige wat nog gezien wordt. Zo vernauw je het probleem, en gaan de zorgen domineren, bijvoorbeeld het genderaspect. Het is dan veel effectiever om je ook te richten op wat gezinnen vooruit kan helpen. 

Stel vragen over hun wensen en over de toekomst die ze voor ogen hebben. Welke waarden zijn hieraan verbonden? Is er een gemeenschappelijk doel waar ze aan willen werken? Ik zeg vaak: je moet beginnen bij het eindpunt. Dit geeft houvast, rust en focus. Vervolgens kijk je welke zaken de weg naar dat eindpunt blokkeren. Door deze obstakels los van de personen te koppelen, voelen zij zich minder beschuldigd. Daarna onderzoeken we samen welke steunbronnen hen hierbij kunnen helpen. Hierbij is het betrekken van het informele netwerk ontzettend belangrijk.’

Evertz: ‘Oplossingsgericht werken is met de cliënt kijken naar oplossingsrichtingen die passen in zijn leven. Als je de cliënt écht hebt leren kennen vanuit het perspectief van het individu, het systeem, het gezin en de gemeenschap, dan is te verwachten dat de gekozen stappen aansluiten bij de cliënt. 

De valkuil is hier wel dat oplossingsgericht werken uitgaat van een bepaalde mate van vrije keuze. In situaties waar geweld speelt hoeft dit niet zo te zijn. De gendersensitieve en vooral systeemgerichte benadering zullen dan helpen om zicht te krijgen op de mogelijkheden die passen bij de cliënt en de directe omgeving.’

Werk oplossingsgericht

DOEN

Vanuit systeemgericht werken hebben we ook veel aandacht voor de behoeften van kinderen. Het is van belang om alert te zijn op hoe verschillend meisjes en jongens worden opgevoed en wat voor effecten dat heeft op hun gedrag en omgang met gevoelens. Kinderen voelen namelijk haarfijn de rolverwachtingen aan. 

In de opvangcentra is gendersensitiviteit dan ook opgenomen in het pedagogisch leefklimaat, waarbij we ons bewust zijn van de benadering van jongens en meisjes wat betreft veiligheid en emotionele ondersteuning, autonomie en ruimte, structuur en grenzen, maar ook als het gaat om het aanbod van spelmateriaal.’

Evertz: ‘Wees alert op hoe verschillend meisjes en jongens worden opgevoed’

Simons: ‘Systemisch werken houdt in dat individuele eigenschappen van een persoon betekenis krijgen in de context van een relatie. Gender is zo’n individuele eigenschap waar je oog voor moet hebben. Zo kan het helpend zijn om cliënten psycho-educatie te geven over genderverschillen. Bijvoorbeeld door uit te leggen dat mannen fysiek gezien minder van vrouwen te vrezen hebben. Voor een man kan het daardoor moeilijker voor te stellen zijn dat zijn partner angstig kan zijn voor geweld dat mogelijk komt. Andersom kunnen vrouwen zich vaak verbaal sterker uitdrukken. Ze kunnen mannen hiermee figuurlijk in een hoek zetten wat weer kan leiden tot fysiek geweld. Als je dit uitlegt, kan het stellen helpen om meer verantwoordelijkheid te nemen en begrip te krijgen voor elkaars beleving.’

Evertz: ‘Sterk Huis, een hulpverleningsorganisatie gespecialiseerd in huiselijk geweld en seksueel misbruik, werkt al een tijdje met het instrument MASIC, Mediator’s Assessment of Safety Issues and Concerns waarmee we een gestructureerd onderzoek uitvoeren naar partnergeweld. Doordat beide partners apart uitgebreid worden geïnterviewd, ontstaat er een scherp beeld van de dynamiek van geweld. Het is erg goed bruikbaar in systeemgerichte interventies, waarbij beide partners worden betrokken in het hulpproces. 

de rol van de maatschappij negeren

NIET DOEN

Evertz: ‘Ook al is er sprake van een ongelijke machtsverdeling, of een kostwinner/opvoeder-model, oordeel er niet over. Het is prima als mensen daar hun eigen invulling aan geven, mits ze er overeenstemming over hebben, het besluit gelijkwaardig is genomen en niet tot onveiligheid leidt. Sluit je ogen niet voor geweld dat door vrouwen wordt aangericht, of geweld waar zij een grote rol in spelen. Durf ook te zien waar vrouwen macht hebben, bijvoorbeeld als het gaat over de kinderen en hoe zij deze inzetten.’

Evertz: ‘Sluit je ogen niet voor geweld dat door vrouwen wordt aangericht, of geweld waar zij een grote rol in spelen’

Simons: ‘Wees voorzichtig bij het spreken in termen van dader en slachtoffer, ga niet op zoek naar een schuldige, veroordeel niemand en stuur niet aan op een relatiebreuk. Als je de relatie als onveilig inschat en ook geen mogelijkheden meer ziet om de veiligheid te herstellen, dan kun je dit perspectief naast dat van de partners zetten en je zorgen uitspreken. Geef ook de grenzen aan voor wat dit betekent voor de hulpverlening, bijvoorbeeld door alleen nog individuele gesprekken te voeren of interventies in te zetten om de directe veiligheid te borgen.’  

Oordelen en veroordelen

NIET DOEN

Dit soort zaken zijn op de achtergrond van belang bij gendersensitief werken. Het zijn de verwachtingen vanuit de maatschappij die een rol spelen in de verhoudingen binnen een relatie. Als man word je nog steeds opgevoed om kostwinner te worden, zodat je voor je gezin kunt zorgen. Mannen leren ook om een conflict op te lossen door agressie te gebruiken in plaats van emoties te tonen. Met elkaar hebben we díe verwachtingen gecreëerd en vervolgens geïnternaliseerd.’

Simons: ‘Culturele overtuigingen van jezelf, maar ook van cliënten en van de maatschappij, klinken door in hoe je werkt. Dan doel ik op de normen en waarden die betrekking hebben op het welzijn van íedereen. Daar kun je over in gesprek gaan. Hoe zien zij dat? Hoe kijk je als niet-westerse man aan tegen de manier waarop er in de westerse wereld geacht wordt met vrouwen om te gaan? En hoe kijkt zijn partner daar tegenaan? En wat is het effect op kinderen? Of, hoe kijk je vanuit het traditionele kostwinnerpatroon aan tegen de rol van de vrouw?

Zo behandelde ik een Nederlands stel waarvan de man vond dat zijn vrouw beter thuis kon blijven bij de kinderen. Die overtuiging wilde hij zijn kinderen meegeven. Zijn eigen vrouw was afhankelijk van hem, maar wilde het voor de kinderen anders. Hoe meer de moeder het anders wilde doen voor de kinderen, hoe sterker de vader zíjn overtuiging neerzette. Er ontstond een actie-reactie patroon, waardoor de risicofactoren voor ruzie en geweld vergroot werden. Dergelijke patronen kunnen zeer dwingend worden en dus moet er aandacht voor zijn.’

Evertz: ‘Mannen leren om een conflict op te lossen door agressie te gebruiken in plaats van emoties te tonen’

Evertz: ‘Ook in de vrouwenopvang proberen we op tafel te krijgen hoe de relatiedynamiek is, in hoeverre er sprake is van afhankelijkheid en controle. We pluizen uit hoe het zit met de normen, waarden en verwachtingen naar elkaar toe. Vragen die we stellen zijn: hoeveel ruimte heb je om zelf beslissingen te nemen over aankopen? Over de plannen voor het weekend? Ben je vrij om af te spreken met wie je wilt? Is er sprake van dwang in de seksuele relatie? Ben je bang? Zijn je kinderen bang? Zijn er ook goede momenten? Wat is er dan anders? Wie pleegt welk geweld op welk moment?

Magazine over veilig opgroeien

Professionals en beleidsmakers bijpraten over de nieuwste ontwikkelingen, onderzoeken, dilemma’s en besluiten rond de veiligheid van kinderen. Dat doet Augeo al 10 jaar met onder andere e-learnings, bijeenkomsten en Augeo magazine. Ons magazine verschijnt 5x per jaar. Meld je aan om gratis abonnee te worden.
Volledig scherm