Auteur: Annemarie van Dijk  |  Leestijd: 4,5 minuten

Nienke kwam in de schulden door de hoge kosten voor de gezondheid van haar zoon Jolle. Nu kan ze het vervolgonderwijs voor hem niet betalen. ‘Hij is slim, wil verder leren. Maar 6000 euro is voor ons te veel.’

‘Doordat ik
weinig geld heb, schiet ik als moeder steeds tekort’

ervaringsverhaal

Nienke is een pseudoniem.

Nienke over armoede in de klas

‘Er heerst veel schaamte onder mensen in armoede en er is meer begrip nodig. Maak het onderwerp bespreekbaar in de klas. Zo maak je kinderen er meer bewust van. Kinderen uit een welvarend nest weten soms niet eens dat armoede in Nederland bestaat. Terwijl 1 op de 8 met honger naar school gaat. Ik geef zelf regelmatig workshops aan jongeren die de hbo-opleiding Social work doen. Ook zij kennen vaak niemand die in armoede leeft. Achteraf krijg ik veel positieve reacties op die lessen. Er is dan echt een kwartje gevallen.’

Je kunt als leerkracht ook in de klas vragen of de leerlingen wellicht een vriendje hebben dat altijd dezelfde kleding draagt of nooit op vakantie gaat. Als ze daarover thuis vertellen, zijn er misschien ouders die voorstellen om dat vriendje een keer mee op vakantie te nemen. 

Besteed ook aandacht aan pestgedrag. Kinderen die steeds in dezelfde kleren lopen of een oud barrel als fiets hebben, zijn vaak een makkelijk doelwit voor pesters. 

En tot slot: praat met de ouders. Is een kind lastig in de klas, vraag de ouders dan om het verhaal erachter, zodat je er rekening mee kunt houden. Misschien is de situatie thuis gespannen door geldproblemen. De ouders zijn de basis zijn, die moet je óók helpen. Het is mooi als een kind via school een laptop of een fiets krijgt, maar daarmee haal je de ouders niet uit de stress. Alleen een begripvol gesprek met hen voeren, kan al fijn zijn voor hen. Maar vraag ook naar wat ze nodig hebben en verwijs de ouders door naar voorzieningen of andere hulp.’

Nienke’s tips voor professionals

Zo kunnen professionals en beleidsmakers een gezin in armoede ondersteunen: 

  • Geloof in de capaciteiten van mensen. Iemand komt vaak niet uit de verf door de situatie waarin hij of zij zit. Nienke: ‘Pas toen de opbouwwerker van de gemeente iets in mij zag en zorgde dat ik dat talent kon benutten, stond ik een stuk steviger in mijn schoenen.’ 
  • Zeg niet dat je ‘iemand in zijn kracht gaat zetten’. Nienke: ‘Niemand heeft meer kracht dan een gezin dat moet vechten om te overleven.’ 
  • Zeg ook niet tegen iemand: ‘Dat kun je niet, want je hebt de diploma’s niet.’ Nienke: ‘Dat is zó demotiverend.’ 

Ongelijkheid in onderwijskansen

Studie en opvang

Bijzondere bijstand

Onbegrip

‘Een hond kost geld – die mag je van anderen dus eigenlijk niet hebben’

‘Om geld te besparen, bezuinigde ik op mezelf: ik at nooit fruit, kocht nooit kleren’

‘Ik neem de dingen die ik leerde in mijn eigen leven mee naar mijn werk. Zo probeer ik de verschillen tussen arm en rijk duidelijk te maken aan de gemeente. Er is bijvoorbeeld te veel ongelijkheid in onderwijskansen. Kinderen van rijke ouders krijgen bijles voor een hoge Cito-score, maar daarvoor is de buffer van gezinnen in armoede te klein. Dat moeten beleidsmakers zich realiseren. En als je energierekening ineens honderd euro per maand omhoog gaat, is dat voor een arm gezin niet te doen.'

‘Ik ben uit mezelf andere ouders met vergelijkbare problemen gaan helpen. Ik legde uit tot welke instanties ze zich konden wenden en deed soms het woord voor hen. Toen een opbouwwerker in mijn gemeente dat zag en merkte dat ik verbaal sterk ben, zei hij: daar kunnen we wat mee. Hij regelde dat ik de driejarige opleiding tot ervaringsdeskundige Zorg en Welzijn mocht volgen. Er werd zelfs extra zorg geregeld voor Jolle, zodat ik kon leren. 

Daarna kreeg ik een tweejarig contract bij de gemeente. In mijn baan als ervaringsdeskundige werk ik hard om iets te doen aan alle muren die worden opgeworpen. Dus de vele trajecten en stapels papierwerk die je soms door moet. Ouders worden ook vaak weggezet omdat professionals denken het beter te weten. Professionals zouden meer buiten de kaders moeten denken.’

Jolle haalde in anderhalf jaar tijd zijn mbo3 ICT, maar de banen die hij daarmee kan krijgen, passen niet bij hem. Hij is heel slim, wil dolgraag programmeur worden en een hbo gaan doen, maar het systeem houdt hem tegen. Als hij een tweede opleiding wil doen, moeten we dat zelf betalen: 6000 euro per jaar.’ 

‘Jolle is inmiddels 23 jaar. Hij woont sinds zijn 18e begeleid. Twee dagen per week is hij bij mij. Ik moest behoorlijk knokken om hem goed onderwijs te laten krijgen. Toen hij niet kon meekomen in het reguliere onderwijs, heb ik er alles aan gedaan om hem naar het voortgezet bijzonder onderwijs te krijgen. Dat lukte, alleen moest ik daar in één jaar tijd 900 euro betalen voor twee schoolreizen. Dat bedrag kon ik niet betalen. Gelukkig ben ik mondig, dus legde ik mijn situatie uit aan de wethouder. Zij regelde bijzondere bijstand voor me. 

Kreeg ik steun van mijn omgeving? Ja en nee. Soms schoven anderen me eten of kleding toe, maar ik stuitte ook op veel onbegrip. Als ik een uitje plande met Jolle, werd ik daar op aangesproken. Dat mag blijkbaar niet als je een uitkering hebt. Mensen veroordelen snel. Ik had een hond die een grote steun was voor Jolle. Maar ook een hond kost geld – die mag je van anderen dus eigenlijk niet hebben.’

‘Wat ik vooral erg vond, was dat ik mijn zoon niet dezelfde kansen kon bieden als andere kinderen kregen. Ik voelde me steeds tekortschieten. Wij hadden bijvoorbeeld geen geld voor dagjes uit. Ook Jolle’s verjaardag vieren was te duur en dat deed me verdriet. Zijn geluk ging voor mij boven alles. Dat ik zelf geen sociaal leven had, deerde me niet. Maar hij zei: “Wees niet verdrietig mama, ik hoef geen verjaardagsfeestje.”

Hoofdpijn van de stress

Alle reclamefolders ploos ik uit. We gingen nooit op vakantie en ik kon geen nieuwe fiets voor Jolle kopen. Om geld te besparen, bezuinigde ik op mezelf: ik at nooit fruit, kocht nooit kleren. Gelukkig ben ik niet materialistisch. Via Marktplaats kocht ik bijvoorbeeld spotgoedkoop speelgoed. Ook kreeg ik soms spullen van anderen. 

In het gezin waaruit ik kom, heerste ook armoede. Als kind ontbeet ik bijvoorbeeld nooit en vaak aten we de hele week alleen aardappelen. Heel triest, maar daardoor heb ik wel geleerd om creatief te zijn met geld.’

‘Inmiddels had ik 9000 euro schuld opgebouwd. Want de speciale voeding was duur en kregen we maar deels vergoed. En de hulp helemaal niet. En vanwege het enorme overgewicht van Jolle kon ik alleen bij Neckermann XXL kleding voor hem kopen - en die was heel duur. Zeeman of C&A verkocht die grote maten niet. 

Ik heb spierdystrofie en kreeg een WAO-uitkering omdat ik niet kon werken. Door de schuld stond ik in die tijd in de overlevingstand, ik had altijd hoofdpijn van de stress. Als ik de huur en de energierekening had betaald, was er al nauwelijks geld over voor de rest van de maand.

Nienke: ‘Het was niet mijn bedoeling om een alleenstaande moeder te worden. Ik dacht onvruchtbaar te zijn maar na een one night stand bleek ik toch zwanger. Omdat ik de vader nauwelijks kende, besloot ik mijn kind alleen op te voeden. 

In het begin waren er al problemen met mijn zoon Jolle. Hij had koemelkallergie, sloeg vaak keihard met z’n hoofd tegen zijn ledikantje. En hij kon keihard gillen, zodat horen en zien je verging. Daarnaast bleek zijn motoriek niet goed. 

In de loop der jaren ontwikkelde hij overgewicht, ook al zorgde ik voor gezonde maaltijden en veel beweging. Hij wilde steeds eten. Als ik bij hulpinstanties aan de bel trok, werd ik elke keer weggezet als een overbezorgde moeder. Terwijl ik wist dat er écht iets met hem aan de hand was. Soms was ik radeloos en schakelde ik zelf hulp in, zoals van een personal coach. Uiteindelijk liet ik Jolle door een psycholoog testen. En zo kreeg hij op zijn 14e de diagnose autisme. Ook zijn “nooit-vol-gevoel” bleek daarmee te maken te hebben.’

Auteur: Annemarie van Dijk  |  Leestijd: 4,5 minuten

Nienke kwam in de schulden door de hoge kosten voor de gezondheid van haar zoon Jolle. Nu kan ze het vervolgonderwijs voor hem niet betalen. ‘Hij is slim, wil verder leren. Maar 6000 euro is voor ons te veel.’

‘Doordat ik
weinig geld heb, schiet ik als moeder steeds tekort’

ervaringsverhaal

Nienke is een pseudoniem.

Nienke over armoede in de klas

‘Er heerst veel schaamte onder mensen in armoede en er is meer begrip nodig. Maak het onderwerp bespreekbaar in de klas. Zo maak je kinderen er meer bewust van. Kinderen uit een welvarend nest weten soms niet eens dat armoede in Nederland bestaat. Terwijl 1 op de 8 met honger naar school gaat. Ik geef zelf regelmatig workshops aan jongeren die de hbo-opleiding Social work doen. Ook zij kennen vaak niemand die in armoede leeft. Achteraf krijg ik veel positieve reacties op die lessen. Er is dan echt een kwartje gevallen.’

Je kunt als leerkracht ook in de klas vragen of de leerlingen wellicht een vriendje hebben dat altijd dezelfde kleding draagt of nooit op vakantie gaat. Als ze daarover thuis vertellen, zijn er misschien ouders die voorstellen om dat vriendje een keer mee op vakantie te nemen. 

Besteed ook aandacht aan pestgedrag. Kinderen die steeds in dezelfde kleren lopen of een oud barrel als fiets hebben, zijn vaak een makkelijk doelwit voor pesters. 

En tot slot: praat met de ouders. Is een kind lastig in de klas, vraag de ouders dan om het verhaal erachter, zodat je er rekening mee kunt houden. Misschien is de situatie thuis gespannen door geldproblemen. De ouders zijn de basis zijn, die moet je óók helpen. Het is mooi als een kind via school een laptop of een fiets krijgt, maar daarmee haal je de ouders niet uit de stress. Alleen een begripvol gesprek met hen voeren, kan al fijn zijn voor hen. Maar vraag ook naar wat ze nodig hebben en verwijs de ouders door naar voorzieningen of andere hulp.’

‘Ik neem de dingen die ik leerde in mijn eigen leven mee naar mijn werk. Zo probeer ik de verschillen tussen arm en rijk duidelijk te maken aan de gemeente. Er is bijvoorbeeld te veel ongelijkheid in onderwijskansen. Kinderen van rijke ouders krijgen bijles voor een hoge Cito-score, maar daarvoor is de buffer van gezinnen in armoede te klein. Dat moeten beleidsmakers zich realiseren. En als je energierekening ineens honderd euro per maand omhoog gaat, is dat voor een arm gezin niet te doen.'

Ongelijkheid in onderwijskansen

‘Ik ben uit mezelf andere ouders met vergelijkbare problemen gaan helpen. Ik legde uit tot welke instanties ze zich konden wenden en deed soms het woord voor hen. Toen een opbouwwerker in mijn gemeente dat zag en merkte dat ik verbaal sterk ben, zei hij: daar kunnen we wat mee. Hij regelde dat ik de driejarige opleiding tot ervaringsdeskundige Zorg en Welzijn mocht volgen. Er werd zelfs extra zorg geregeld voor Jolle, zodat ik kon leren. 

Daarna kreeg ik een tweejarig contract bij de gemeente. In mijn baan als ervaringsdeskundige werk ik hard om iets te doen aan alle muren die worden opgeworpen. Dus de vele trajecten en stapels papierwerk die je soms door moet. Ouders worden ook vaak weggezet omdat professionals denken het beter te weten. Professionals zouden meer buiten de kaders moeten denken.’

Studie en opvang

Nienke’s tips voor professionals

Zo kunnen professionals en beleidsmakers een gezin in armoede ondersteunen: 

  • Geloof in de capaciteiten van mensen. Iemand komt vaak niet uit de verf door de situatie waarin hij of zij zit. Nienke: ‘Pas toen de opbouwwerker van de gemeente iets in mij zag en zorgde dat ik dat talent kon benutten, stond ik een stuk steviger in mijn schoenen.’ 
  • Zeg niet dat je ‘iemand in zijn kracht gaat zetten’. Nienke: ‘Niemand heeft meer kracht dan een gezin dat moet vechten om te overleven.’ 
  • Zeg ook niet tegen iemand: ‘Dat kun je niet, want je hebt de diploma’s niet.’ Nienke: ‘Dat is zó demotiverend.’ 

Jolle haalde in anderhalf jaar tijd zijn mbo3 ICT, maar de banen die hij daarmee kan krijgen, passen niet bij hem. Hij is heel slim, wil dolgraag programmeur worden en een hbo gaan doen, maar het systeem houdt hem tegen. Als hij een tweede opleiding wil doen, moeten we dat zelf betalen: 6000 euro per jaar.’ 

‘Jolle is inmiddels 23 jaar. Hij woont sinds zijn 18e begeleid. Twee dagen per week is hij bij mij. Ik moest behoorlijk knokken om hem goed onderwijs te laten krijgen. Toen hij niet kon meekomen in het reguliere onderwijs, heb ik er alles aan gedaan om hem naar het voortgezet bijzonder onderwijs te krijgen. Dat lukte, alleen moest ik daar in één jaar tijd 900 euro betalen voor twee schoolreizen. Dat bedrag kon ik niet betalen. Gelukkig ben ik mondig, dus legde ik mijn situatie uit aan de wethouder. Zij regelde bijzondere bijstand voor me. 

Kreeg ik steun van mijn omgeving? Ja en nee. Soms schoven anderen me eten of kleding toe, maar ik stuitte ook op veel onbegrip. Als ik een uitje plande met Jolle, werd ik daar op aangesproken. Dat mag blijkbaar niet als je een uitkering hebt. Mensen veroordelen snel. Ik had een hond die een grote steun was voor Jolle. Maar ook een hond kost geld – die mag je van anderen dus eigenlijk niet hebben.’

Bijzondere bijstand

‘Een hond kost geld – die mag je van anderen dus eigenlijk niet hebben’

‘Wat ik vooral erg vond, was dat ik mijn zoon niet dezelfde kansen kon bieden als andere kinderen kregen. Ik voelde me steeds tekortschieten. Wij hadden bijvoorbeeld geen geld voor dagjes uit. Ook Jolle’s verjaardag vieren was te duur en dat deed me verdriet. Zijn geluk ging voor mij boven alles. Dat ik zelf geen sociaal leven had, deerde me niet. Maar hij zei: “Wees niet verdrietig mama, ik hoef geen verjaardagsfeestje.”

Onbegrip

Alle reclamefolders ploos ik uit. We gingen nooit op vakantie en ik kon geen nieuwe fiets voor Jolle kopen. Om geld te besparen, bezuinigde ik op mezelf: ik at nooit fruit, kocht nooit kleren. Gelukkig ben ik niet materialistisch. Via Marktplaats kocht ik bijvoorbeeld spotgoedkoop speelgoed. Ook kreeg ik soms spullen van anderen. 

In het gezin waaruit ik kom, heerste ook armoede. Als kind ontbeet ik bijvoorbeeld nooit en vaak aten we de hele week alleen aardappelen. Heel triest, maar daardoor heb ik wel geleerd om creatief te zijn met geld.’

‘Om geld te besparen, bezuinigde ik op mezelf: ik at nooit fruit, kocht nooit kleren’

‘Inmiddels had ik 9000 euro schuld opgebouwd. Want de speciale voeding was duur en kregen we maar deels vergoed. En de hulp helemaal niet. En vanwege het enorme overgewicht van Jolle kon ik alleen bij Neckermann XXL kleding voor hem kopen - en die was heel duur. Zeeman of C&A verkocht die grote maten niet. 

Ik heb spierdystrofie en kreeg een WAO-uitkering omdat ik niet kon werken. Door de schuld stond ik in die tijd in de overlevingstand, ik had altijd hoofdpijn van de stress. Als ik de huur en de energierekening had betaald, was er al nauwelijks geld over voor de rest van de maand.

Hoofdpijn van de stress

Nienke: ‘Het was niet mijn bedoeling om een alleenstaande moeder te worden. Ik dacht onvruchtbaar te zijn maar na een one night stand bleek ik toch zwanger. Omdat ik de vader nauwelijks kende, besloot ik mijn kind alleen op te voeden. 

In het begin waren er al problemen met mijn zoon Jolle. Hij had koemelkallergie, sloeg vaak keihard met z’n hoofd tegen zijn ledikantje. En hij kon keihard gillen, zodat horen en zien je verging. Daarnaast bleek zijn motoriek niet goed. 

In de loop der jaren ontwikkelde hij overgewicht, ook al zorgde ik voor gezonde maaltijden en veel beweging. Hij wilde steeds eten. Als ik bij hulpinstanties aan de bel trok, werd ik elke keer weggezet als een overbezorgde moeder. Terwijl ik wist dat er écht iets met hem aan de hand was. Soms was ik radeloos en schakelde ik zelf hulp in, zoals van een personal coach. Uiteindelijk liet ik Jolle door een psycholoog testen. En zo kreeg hij op zijn 14e de diagnose autisme. Ook zijn “nooit-vol-gevoel” bleek daarmee te maken te hebben.’

Magazine over veilig opgroeien

Professionals en beleidsmakers bijpraten over de nieuwste ontwikkelingen, onderzoeken, dilemma’s en besluiten rond de veiligheid van kinderen. Dat doet Augeo al 10 jaar met onder andere e-learnings, bijeenkomsten en Augeo magazine. Ons magazine verschijnt 5x per jaar. Meld je aan om gratis abonnee te worden.
Volledig scherm